zondag 31 maart 2013

Eisalade


Geen Pasen zonder huisgemaakte eisalade. Zoveel lekkerder, zoveel puurder dan de synthetische rommel die te koop is in de milieubelastende plastic bakjes. Weleens onderop gelezen hoeveel kunstmatige hulpstoffen er gebruikt worden om er iets eetbaars van te maken? Niet? Neem dan hier even een kijkje.

Ik gebruikte vanmorgen slechts zes (!) ingrediënten, te weten: biologische eieren, mayonaise, mosterd, zout, peper en gehakte verse bieslook. Dan krijg je een schaal als op de foto. Een salade die smaakt naar ei. Met een beetje goede mayonaise, een likje mosterd en fijne bieslook. Fijne, smakelijke Paasdagen allemaal.
 
 


vrijdag 29 maart 2013

Zout gegeten

Sinds gisteren heb ik een verhoogde bloeddruk. Dat komt niet zomaar uit de lucht vallen. Ik consumeer graag hartigheden, maar zo zout als gisteren heb ik het nog niet veel eerder gegeten. Er gebeurt van alles binnen een tijdsbestek van enkele uurtjes. Bloeddruk stijgt, hartslag versnelt.

Het begint met een paar telefoontjes. Bij de apothekersassistente heeft de lente al duidelijk toegeslagen. Op uiterst opgewekte toon vertelt ze me dat er besloten is mijn medicatie tegen een te hoog cholesterol te verhogen van 10 naar 40 mg. Wat zegt u? Nieuw protocol? Nederlandse Vereniging van Huisartsen? Onderling overleg? Met wie? Niet met mij, dacht ik. Zeggu? U belt nu toch om het uit te leggen? *knars*

Tring. De energieleverancier vraagt waarom ik van die abnormaal hoge meterstanden heb doorgegeven. Ben ik wellicht een wietplantage begonnen?
Huh? Waar hééft u het in hemelsnaam over? Ik noteer de meterstanden en neem die over op de mij toegezonden kaart. Maar zal ik u een eindje op weg helpen? Heeft u al gezien in uw scherm dat uw netwerkbeheerder vorig jaar tarieven en meterstanden heeft omgewisseld en mij na een klachtenprocedure van circa 5 maanden in het gelijk heeft moeten stellen? Zou het wellicht daarmee te maken …… etc.  Het wordt verdacht stil aan de andere kant. *zucht*

Op pad dan maar. Wat frisse lucht zal me goed doen. Eerst groente voor vanavond. Bij de geitenwollensokken toko ligt de verlepte sla treurig naast de fris bruin opgekrulde andijvie en de ernstig gerimpelde pastinaken. Geen groente, ook goed. Daar zullen ze vrolijk van worden thuis, nu de vleesconsumptie ook al naar dramatische dieptepunten is gedaald. Op deze manier wordt het wel een erg povere maaltijd. 

Bestelling ophalen. Kostprijs: iets meer dan een brood. Wat zeg ik? Meer dan honderd broden. Nog niet binnen? O. Het beeldscherm geeft geen antwoord, ook al kijkt de gelgekuifde jongeman er langdurig naar. Vijf volle werkdagen om van filiaal naar filiaal te vervoeren? Is dat gebruikelijk? Kweeteigenlijknie, antwoordt het menneke, terwijl hij een overdreven belangstelling aan de dag legt voor een piep die uit zijn broekzak lijkt te komen.*slik*

Broek voor de Man. Ik moest vroeg in het seizoen komen, zeiden ze. Ziet u de sneeuwvlokjes op mijn jas misschien? Dit heet vroeg. Oké. Kijken. Beeldscherm er weer bij. Moeilijke maat, die 47. Lengtemaat hè, lacht het meisje vrolijk, uw man heeft lange benen. Kijk, zo leer ik weer wat bij na 33 jaar samenzijn. *grmpfff*

Nog niet aangetast door de schade die hoge bloeddruk kan veroorzaken, haal ik mijn kortingscheque van het luchtjesparadijs (Hier Parijs, Hier Parijs) tevoorschijn. In een uiterst persoonlijke brief laten zij weten dat ze, speciaal voor mij, een schitterende aanbieding hebben. Wow, mijn polijstmiddel voor de helft van de prijs, mét glim-glimtasje en nog wat mooimakertjes. Da’s pas boffen. Ik moet wel snel komen.
Uitverkocht, roept het blozende appelwangetje. De eerste dag al. Denk niet dat het nog komt. De empathie van het verse plamuurwerkje is aandoenlijk. Onlangs genoten verkooptrainingen staan gebeiteld in haar omhoog wijzende mondhoeken. De klant heeft altijd gelijk. Ook als hij geen gelijk heeft. Ik probeer nog te mompelen dat ik, onder mijn vermomming, feitelijk gewoon  Antoinette Hertsenberg ben, maar voel tegelijkertijd de eerste druppels van de bui al langs mijn nek glijden.

Met enige weemoed laat ik de tijd van twintig jaar geleden de revue passeren. Toen muntjes nog gewoon bij een spaarbank konden worden gestald, om het daar na verloop van tijd weer op te halen, inclusief een paar handjes extra. Hoe men (lees: ik)  daarna naar de winkel snelde om te luisteren naar wat een enthousiaste verkoper mij allemaal te vertellen had, een weloverwogen keuze te maken om thuisgekomen nog dagenlang in de wolken te zijn met het recentelijk aangeschafte product. Alles deed het; alles was prima in orde, alles was zoals ik verwacht had.

Het is inmiddels jaren geleden dat ik mij in de wolken voelde met een aankoop. De zachte, witte wolken van weleer hebben plaats gemaakt voor dreigende donderwolken. Wolken waar je hoge bloeddruk van krijgt.

dinsdag 26 maart 2013

Restaurant Jagersrust - Ossendrecht


Na een uitermate prettig verlopen afspraak ergens in West-Brabant, is het dan vandaag toch echt tijd voor een bezoekje aan restaurant Jagersrust te Ossendrecht. Om een tweede teleurstelling te voorkomen, had ik tevoren maar gereserveerd.
Het plannen van een aankomsttijd was lastig, omdat de afspraak kon uitlopen, maar dit bleek geen enkel bezwaar.

We arriveren er rond vijf uur. De deur zwaait open en we worden vriendelijk ontvangen door de chef zelf. Als we willen kunnen we direct aan tafel, maar ik verkies een aperitief in het brasserie-gedeelte. Daar is het sober ingericht met donkerbruine houten tafels en een nephaard op een televisiescherm. Dergelijke beelden komen altijd deprimerend op me over. Alsof ze zelf weten dat ze geen ziel hebben en dus ook geen échte sfeer kunnen scheppen. Enfin, wij genieten daarom niet minder van onze LBV port en de Gruner Veltliner.

Na drie kwartier krijgen we trek. Het restaurantgedeelte is gevestigd in een aangebouwde serre, waar het door de vele ramen heerlijk licht is. Vanaf onze tafel hebben we prachtig uitzicht op de keurig onderhouden tuin. In de zomer moet het hier goed toeven zijn.


 Een mandje met versgebakken broodjes komt op tafel, tezamen met boter, zout en een tapenade. Ik drink de Gruner Veltliner door, terwijl manlief het verder bij water houdt. Niet zo gezellig, maar soms moet het. Er verschijnt een amuse. Die bestaat uit een mousse van pastinaak met garnaaltjes, een terrine van zalm en een krokantje van pastinaak. Een smakelijk binnenkomertje!



 De Man heeft als voorgerecht gekozen voor een heldere vissoep op provencaalse wijze. Deze bestaat uit flinke stukken vis en scampi, overgoten door een mysterieus ruikende bouillon met een goudgele kleur. Hij is erg nieuwsgierig naar de kruiden die hierin verwerkt zijn. Navraag leert ons dat er naast tijm, rozemarijn en anijs ook saffraan in verwerkt zit. Een bijzonder verfijnd gerecht. In ieder geval absoluut geen traditionele vissoep. Aardig detail ook is dat de bouillon in een theepot zit en zelf  bijgeschonken kan worden. Daar wordt gretig gebruik van gemaakt.


Mijn voorgerecht bestaat uit een gebakken coquille en een fijn stukje rode mul, met diverse bereidingen van bloemkool: een schuim, een pickel en een krokantje. Erbij wat saffraansaus en een groene asperge. Fijn op smaak allemaal. Jammer dat de coquille voor mij iets te bruin gebakken was. Ik heb ze graag nog enigszins doorschijnend van binnen.


Hierna verrast de chef ons met een kleine versnapering: een glaasje kipnugget met een topping van venkelschuim. Leuk, maar niet spectaculair.


 Het hoofdgerecht bestaat voor de Man uit zeebaars op twee bereidingswijzen: en papillot gegaard met sereh, limoen en kokos én op de huid gebakken met zwart sesamzaad en kurkuma. Een duidelijke hang naar fushion in dit gerecht, waarmee de chef laat zien dat hij niet vies is van een experimentje. De vis wordt begeleidt door een groentestapeltje. Lekker in al zijn eenvoud. Geen toeters en bellen op het bord, maar wel eerlijke smaken.


Erbij wordt een schaaltje zelfgemaakte frieten en gekookte aardappeltjes in schil geserveerd. Die zijn beiden werkelijk voortreffelijk!

Zelf heb ik gekozen voor de rogvleugel met risotto, saffraansaus en gepofte tomaatjes. Het bord toont een smakelijk en vooral kleurrijk plaatje. Helaas is ook deze vis iets te ver doorgebakken. De risotto, waarin kleine stukjes groenten zijn verwerkt, zou als romige smaakbegeleider moeten dienen, maar deze is zó zout dat ik bang ben voor een acute bloeddrukverhoging.


 Na een opmerking hierover, vertelt de dame van de bediening dat dit waarschijnlijk komt door de dubbel getrokken bouillon die hierin verwerkt zit. Dat geeft te denken, want van een professionele chef mag je toch verwachten dat hij zijn gerechten proeft. En nog eens proeft. Hoog op smaak koken heeft absoluut mijn voorkeur, maar het gevaar van “ doorslaan”  ligt altijd op de loer.

Eerder op de avond had ik al op de kaart zien staan dat de kazen hier van kaasmeester Van Tricht zijn; in gedachten had ik daar mijn zinnen al op gezet. Maar de vermoeienissen van een lange dag laten zich gelden en we besluiten het nagerecht te laten vervallen.  Als afsluiter espresso en thee, waarbij nog een aantal fijne snoeperijtjes verschijnen.


Al met al is het goed verpozen daar in het landelijk gelegen Jagersrust, al zijn er wat mij betreft nog wel een aantal verbeterpunten. Visbereiding bijvoorbeeld, dat moet beter kunnen. Of ben ik als import-Zeeuw na 35 jaar wellicht (te) veel verwend geraakt door alle zilte zaligheden? Het zou zomaar kunnen. We gaan beslist nog een keer terug en nemen dan de High Wine http://www.jagersrust.nl/menu.php?id=10 Vier gangen met kleine gerechtjes en zes bijpassende wijnen.

Restaurant Jagersrust is gelegen aan de oude doorgaande weg van Bergen op Zoom naar Antwerpen, aan het begin van het dorp Ossendrecht.
In 2013 zijn ze onderscheiden met een Bib Gourmand.

zondag 24 maart 2013

TEFAF 2013

Dat ik  - mevrouw Eetplezier - een merkwaardig schepsel ben, wisten jullie al lang natuurlijk. Als ik, per ongeluk, ooit een keer vóór zeven uur de echtelijke sponde node moet verlaten, is het gekerm en gekreun niet van de lucht. Terwijl dit gegeven toch voor 80% van de beroepsbevolking de normaalste zaak van de wereld is. Om toch op enigszins fatsoenlijke wijze de dag te kunnen beginnen, heb ik mijn interne wekker standaard op 07.45 uur gezet. Een redelijk tijdstip, maar toch dienen de mensen in mijn directe omgeving zich vóór tien uur nog altijd te bedienen van de juiste aanspreekvormen. 

En sinds mijn hormonale huishouding zich een eigen leven heeft toegeëigend, is lange afstanden overbruggen ook bepaald geen favoriete bezigheid meer. Alleen al het aanschouwen van lange rijen ingeblikte reizigers, die zigzaggend en voorhoofdwijzend zo snel mogelijk hun doel willen bereiken, is voldoende om mij klotsende oksels te bezorgen. Om nog maar te zwijgen over mijn krampachtige pogingen massale ontmoetingsplekken zo veel mogelijk te vermijden,

Tot zover de feiten. Dan nu de werkelijkheid, zoals die zich afspeelt als zich eenmaal een plan in mijn brein heeft genesteld. Met hetzelfde gemak waarmee ik bovengenoemde bezwaren opvoer, worden deze weggewuifd als het mij zo uitkomt. Hypocriet, ja.

Ik wilde naar de TEFAF. Al jaren. Man’s agenda van afgelopen week liet het niet toe een volle dag vrij te maken. Maar toen er donderdag twee afspraken kwamen te vervallen, zag ik mijn kans waar. Ik begon woensdagavond met subtiele opmerkingen richting Man.
Vroeg op? Ach, voor één keer …. 168 kilometer, twee uur rijden …. we hebben een betrouwbare auto, toch? Druk? Hoewel 73.000 bezoekers in tien dagen moeilijk onder het vloedkleed vallen te schoffelen, wist ik er bijkans een kleinschalig gebeuren van te maken. Zo gaat dat als een vrouw iets in heur hoofd heeft.

Na een stilzwijgend genoten ontbijt en een dito autorit, rijden we om 11.00 uur het parkeerterrein van het Mecc op. Daarna gaat het sprookjesboek als vanzelf open. Ik val van de ene verbazing in de andere en voel mij vele uren achtereen het spreekwoordelijke kind in de overvolle snoepwinkel.
Zoveel mooie objecten bijeen, van imposante bronzen Boeddhabeelden tot kostbare sieraden, van magistrale schilderijen tot Chinees porselein, kunstig geweven kleden, uurwerken in alle vormen en maten, glanzende mahoniehouten meubelen, antieke boekwerken, kristallen vazen en karaffen, Egyptische oudheden, zilveren gebruiksvoorwerpen, het is teveel om op te noemen.


Ik ben gefascineerd door de lichtval in een stadsgezicht van Willem Koekkoek. 
Ook een schilderij van Monet met daarop schaatsende figuren tussen rietstengels door, bekijk ik van alle kanten. Impressionistisch van dichtbij en tegelijkertijd zó realistisch veraf. Hoeveel artistieke gaven kan een mens wel niet bezitten? Wat streepjes en lijntjes, beetje blauw, stipje groen, en je hebt opeens een adembenemend schilderij. Dan is er het zwart-glanzende beeld van Fernando Botero: man met hoed op paard. Onwaarschijnlijk glad en ik moet de neiging onderdrukken om niet de mollige vormen te strelen.

Voor het eerst zie ik één van Warhol’s spraakmakende Campbell-schilderijen. Ik kom originele Appels tegen, Dali’s en Dufy’s. Verder briljante offsetprints achter glas in betoverende kleuren. Modern Art heet dat. Japanse sculpturen van geëmailleerd brons, gouden korenaren die zachtjes wuiven als ik er tegen blaas, moderne 3D glaskunst, need I say more?

Nog één ding dan: Maison van den Boer verzorgt hier de inwendige mens. Dat doen ze, zoals gewoonlijk, in de door hen bekende stijl. Binnen de TEFAF zijn er twee restaurants (beiden volledig bezet op het moment dat Man en ik trek kregen), twee cafés met eenvoudige lunchgerechten, koffie, thee en gebak, één zelfbedieningsterras waar ter plekke warme gerechten worden bereid, één sushibar en twee champagnebars.

Man en ik zijn van eenvoudige komaf, eten weliswaar graag lekker, maar voelen ons niet thuis tussen het mondaine volkje met hun Gooische R die zich liever aan de Moët & Chandon laven dan aan de esthetische schoonheid waarmee ze zich omringd wanen. Dus eten wij een simpele baquette met ham/kaas. Netjes in een papieren zakje met doorkijkvenster gestoken, dat dan weer wel. Karnemelk in plaats van alcohol. Om maar zo weinig mogelijk te missen.

Tegen sluitingstijd beginnen wij aan de terugreis. Nog even twee uurtjes zoeven over de E313. Het schemert al en ik probeer knikkebollend al het moois van die dag terug te halen in mijn hoofd. Vanuit mijn half geloken ooghoeken zie ik Man naar me kijken. Hij grijnst en zegt: “morgen uitslapen zeker?” Morgen uitslapen.


woensdag 20 maart 2013

Bikinilijnen in de sneeuw

Ik heb eindeloos veel geduld, al zeg ik het zelf. Probeer altijd tolerant te zijn, niet te snel te oordelen en de aardse zaken die bij het leven horen, van de luchtige kant te benaderen. Want alles is relatief. Zonder zon geen schaduw, etc.

Maar als ik - en gelukkig ben ik niet alleen – na vijf maanden druilerige somberheid eindelijk eens een sprankje ZON wil voelen, gewoon omdat we daar met z’n allen zo broodnodig aan toe zijn en het gaat doodleuk sneeuwen, dan wordt het zelfs mij te veel. Herkent er iemand dit gevoel misschien?

Stampvoeten, naar het reisbureau hollen met in je hoofd 10 dagen Canarische Eilanden, alle wollen dekentjes die zich in je huis bevinden verzamelen om je er voor eeuwig in te wikkelen? Je beste pruilgezicht opzetten. Met een frons die door geen Botox-injectie meer valt weg te werken, een ketel water opzetten. Voor de meest hete thee die maar mogelijk is. Of een beker chocomel met scheepsladingen koekjes. Die allemaal op moeten. Je wegfrommelen in het verste hoekje van de bank. Om iedereen die te dicht in je buurt komt, toe te snauwen dat de bank van jou is. En van niemand anders. En ja, dat geldt óók voor de wollen dekentjes en de koekjes.

Om in deze gemoedstoestand sla te gaan eten, is zeer waarschijnlijk de Goden verzoeken. Maakt me mooi niet meer uit. De eerstkomende vijf dagen blijft het toch dekentjesweer volgens alle weervoorspellers. Dus husselde ik veldsla, eetrijpe avocado, zoete pruimtomaatjes en pittige feta door elkaar en at daarbij een heel stokbrood op. Met dikke lagen roomboter. Geeft niks. Want onder al die dekentjes zijn je love-handles toch voor iedereen onzichtbaar. Dag lieve mensen, ik kruip weer snel terug in mijn warme coconnetje ….


zondag 17 maart 2013

Een beetje stout

 
Sommige mannen drinken bier. Veel bier. En andere mannen drinken een béétje bier. Stout, wel te verstaan. Ze vinden dat lekker, een beetje stout. Tja, geef ze eens ongelijk ….

Deze zware winterwarmer verenigt al het mooie van de Duits&Lauret stout met een krachtig mondgevoel en een verwarmende afdronk. Door zijn volheid en balans kan hij prima combineren met winterse stoofgerechten en uitgesproken blauwschimmelkazen. Duits&Lauret Winterstout is een bier van hoge gisting, ongefilterd en ongepasteuriseerd met nagisting op fles en vat. Licht gekoeld serveren op een temperatuur van 12-14 graden Celsius. Het bevat 8,5% alcohol en is verkrijgbaar van november tot en met februari.

vrijdag 15 maart 2013

Kadootjesdag

 
Zo’n dag van (te) laat wakker worden. Maar wel heel erg uitgerust zijn. Van je goed voelen. Van geen mist in je hoofd. Met een heldere kijk op schijnbaar onoplosbare zaken. Die plotseling als sneeuw voor de zon lijken weg te smelten. Een heerlijke gedachte. Dwarsliggers die zich plotseling durven plooien, neuzen die dezelfde windrichting kiezen, kwartjes die vallen.

Zo’n dag van blijmoedig flaneren langs de rafelranden van het bestaan. Kinderlijk opgetogen raken van een eerste krokus. Een dag van het jezelf comfortabel maken. En dat waarschijnlijk ook uitstralen. Zodanig dat de pizzabakker in huis spontaan aanbiedt mij vanavond te trakteren op een huisgemaakte versie van deze Italiaanse lekkernij. Tevreden aanschouw ik de ingrediënten die hij uitstalt: buffelmozzarella, courgette, aubergine, puntpaprika, tonijn, tomatensaus,verse oregano.

Yep, dat wordt ‘m vanavond. Kan bijna niet ongezond zijn, en toch blijft er bij het woord pizza altijd een venijnig stemmetje mij afkeurend toespreken. Ik ben aan de stem gewend geraakt in de loop der jaren. Maak, ter compensatie, een schaal vers fruit als gezonde toet. Iedereen blij!


Als klap op de vuurpijl krijg ik dan ’s avonds ook nog een Liebster Award van Hobbyloes.
Nu ben ik heel mijn leven al bijzonder onhandig geweest in het aannemen van kadootjes. Weet nooit zo goed wat ik moet zeggen als dank. Is “dank-je-wel” voldoende? Moet ik lofuitingen gaan rondzingen? Wat verwacht iemand van mij terug?
In het geval van deze Award, is dit probleem snel opgelost. Loes wil graag antwoord op de volgende vragen.
V: Wat eet of snoep je het liefste?
A: Ik ben geen liefhebber van zoet. Maar een troostrijke maaltijd met romige pasta gaat er altijd in.

V: Van welke tijd in het jaar houd je het meest?
A: Dat is zonder twijfel het voorjaar. Een nieuwe lente, een nieuw begin. Het leven ligt, voor even, weer open.

V: Houd je van sporten?
A: Dat zal een grapje zijn ;-))

V: Heb je een Top 3 van favoriete bezigheden:
A: Koken, eten, drinken. Schrijven (poëzie of in opdracht), lange natuurwandelingen, genealogie.

V: Wat heb je liever: een boek of een film?
A: Een boek. Voor films mis ik geduld.

Het is de bedoeling dat ik ook enkele bloggers nomineer die minder dan 200 volgers hebben.
Ik geef de Liebster Award door aan de volgende medebloggers:

Simone van http://simkookt.blogspot.nl/. Zij kookt niet alleen erg lekker, maar maakt ook prachtige stap-voor-stap foto’s erbij.

Theo van http://tijmensuikerbiet.blogspot.nl. Heerlijke verhalen, waarin eten een belangrijke rol speelt, maar waarin tevens een bepaalde (levens)filosofie niet wordt geschuwd. I love it!

En de blog http://beschuitmetaardbeien.blogspot.nl/ krijgt als derde deze award. Spontane, levenslustige foto’s met veel culinaire ontdekkingen. Om steevast vrolijk van te worden!

Mijn vragen aan jullie zijn:
1) Wat lust je absoluut niet?
2) Heb je een levensmotto en zo ja, hoe luidt deze?
3) Wat is het mooiste - op culinair gebied – dat je tot nu toe is overkomen?
4) Heb je een droom die je verwezenlijkt wil zien en zo ja, waaruit bestaat die droom?
5) Als je een dag geen tijd hebt om te koken, wat eet je dan?

Succes allemaal!

dinsdag 12 maart 2013

Eet mij

Ik las dit boek in één adem uit. Lees met me mee:

Anno 2013 leven wij met z’n allen in een Luilekkerland zonder grenzen. Op elke hoek van de straat, in iedere supermarkt, vanaf billboards, op het perron, wordt er geschreeuwd: Eet mij! Voedsel is in onze Westerse, rijk doorvoede samenleving niet langer bedoeld om ons lichaam te laten functioneren, maar is grotendeels gedegradeerd tot genotmiddel. Teveel suiker, teveel zout en (slechte) vetten. De meeste voedingsmiddelenfabrikanten stoppen het met scheepsladingen tegelijk in hun producten. Opdat de naïeve consument het maar lekker vindt en er veel, liefst heel veel, van koopt. Fabrikanten hebben totaal geen belang bij de gezondheid van de consument; zij zijn slechts uit op een groter marktaandeel en meer winst.

Daarvoor maken ze graag gebruik van slimme psychologische trucjes. Verpakkingen krijgen in de loop der tijd geleidelijk aan meer inhoud. De “gewone” zakken chips lijken plotseling uit de schappen te zijn verdwenen. Familiezakken zijn de norm geworden voor je er zelf erg in hebt. En waarom negeren we die grootverpakkingen niet? Simpelweg omdat ze ons toeroepen dat ze voordeliger zijn. Zodra het de supermarkt of marketeer lukt om een getal in ons brein te krijgen, slaan we automatisch aan het hamsteren. Een handigheidje dus, dit heeft alles te maken met de term anchoring.

Reclamemakers maken ook veelvuldig gebruik van het zgn. “halo-effect”. Betekent zoiets als: we gaan een product meer waarderen naarmate we het associëren met iets goeds of dierbaars. Denk aan grootmoeders appeltaart of Italiaanse steenovenpizza. Allemaal onzin, maar het wordt vast veel lekkerder dan een gewone appeltaart of pizza. Bovendien wordt er van alles geclaimd op de verpakkingen: minder suiker, biologisch geteeld, goed voor hart en bloedvaten. Gelukkig houdt voedselwaakhond Foodwatch hierbij voortdurend een vinger aan de pols. Want wat er geclaimd wordt moet ook de waarheid zijn.

Honger - beter gezegd trek - zit simpelweg in onze hersenen. Hongergevoelens hebben alles te maken met emotie. Eventuele honger- of verzadigingsgevoelens die lijken uit je maag komen, worden door allerlei ingewikkelde processen gestuurd vanuit het brein. Het hormoon ghreline speelt hierbij een belangrijke rol.
Bekend voorbeeld is de Pavlov-reactie. Een maag die spontaan gaat rammelen bij het aanschouwen van een giga hamburgerreclame. Opkijken van je werk, zien dat het al half zeven is en acuut honger krijgen. En wie kent inmiddels niet het bekende cup-a-soup moment? Stuk voor stuk signalen uit je omgeving die de maagsapproductie op gang brengen. Je maag zelf speelt hierbij een ondergeschikte rol. Vreemd, maar waar.

Optische illusie is kennelijk doorslaggevend voor je gevoel van verzadiging. Een blokje kaas op een groot bord lijkt kleiner te zijn dan op een klein bord. Uit wetenschappelijke onderzoeken komt naar voren dat wij ons evenveel verzadigd voelen na het eten van een vol, klein bord, dan na het eten van een vol, groot bord. Ons brein blijkt slecht in staat te zijn dergelijke gegevens goed in te schatten. M.a.w.: onze hongergevoelens volgen gehoorzaam de signalen uit de omgeving.

Wat is dan het geheim van dunne mensen? Ter geruststelling: ons gewicht wordt grotendeels genetisch bepaald. Tussen 70 en 80% van onze body mass index (BMI) is vooraf vastgelegd in ons DNA. Dat sommige personen dik worden ligt dus vast. Echter, hóe dik ze worden wordt bepaald door hun omgevingsfactoren. Voor een klein gedeelte kun je je brein trainen om niet aldoor in die valkuilen te trappen, voor het overgrote deel blijft je DNA de overhand voeren. Het is dus wel erg vrijblijvend om overgewicht aan te duiden als: eigen schuld, dikke bult. Zo simpel is het niet.

Tot slot een survivalkit voor in ons voedselwonderland. Doe altijd ’s morgens, als je nog fris bent, je boodschappen. Dat maakt de kans op ongepland aankopen kleiner. En wat je niet in huis hebt, kun je ook niet opeten.
Kook kleinere porties, in de wetenschap dat ons brein slechts gericht is op: “er is méér”. Serveer het eten op kleinere borden, zodat je jezelf voor kunt houden dat je lekker veel gegeten hebt. Eet langzaam en aandachtig. Hierdoor voel je je sneller verzadigd.
Pleeg verzet tegen de voedingsmiddelenindustrie die ons willens en weten wil volproppen met loze calorieën. Sluit je aan bij Foodwatch, maak een foto van die onnozele K3-toetjes op kinderooghoogte en zet ze op de social media, stuur een boze mail naar NS retail met het verzoek wat meer gezonde producten te verkopen in hun kiosken en bestook Unilever met kritische vragen over het hoge suiker,- zout- en vetgehalte in hun voedingsmiddelen.

Heus, er is een uitweg in ons hedendaagse eet-doolhof. We hoeven alleen nog maar beginnen te lopen.

zondag 10 maart 2013

Canto Ostinato: jouw muzikale smaak (of niet)

Wie de Canto Ostinato van Simeon Ten Holt kent, is ofwel voor zijn leven groot fan van dit minimalistische muziekstuk ofwel hij verafschuwt het. Een tussenweg (niks Vijftig tinten grijs) lijkt niet mogelijk.

Ik behoor tot de eerste groep mensen. Een bewonderaar dus. De Canto Ostinato (vert.: koppig lied) is voor mij alles inéén; dynamiek en stilstand; harmonie en dissonantie; sommige gedeelten zijn meegaand en melodieus, andere koppig en behoorlijk weerbarstig.

Gisteren, zaterdag 9 maart 2013 speelde Jeroen van Veen - helemaal alleen, wat op zich al bijzonder knap is – de Canto in de Drvkkery te Middelburg. Voorafgaand genoten Man en ik van een smakelijke lunch in de brasserie van Nederlands mooiste boekhandel. Heerlijke frittata met mediterrane groenten en geroosterd brood. Thee en man’s onafscheidelijke espresso erbij.


Gevoed en gelaafd nemen wij om exact half twee plaats achter in de zaak. Wilma de Rek, schrijfster van het boek Canto Ostinato, is aanwezig om haar boek te signeren. Zij introduceert de pianist Jeroen van Veen, waarna deze laatste het toegestroomde publiek negentig minuten onafgebroken weet te boeien met de betoverende klanken van bovengenoemd meesterstuk.


Iedereen beleeft de muziek op zijn eigen manier. Wiebelend op de stoel, trommelend met de vingers, deinend met het hoofd. Het is muisstil. Passerende bezoekers, op zoek naar een boek, zie je gegrepen worden door het klankenspel. Gefascineerd blijven ze staan of nemen plaats op de grond.


Een beetje dizzy ontwaak ik na anderhalf uur uit mijn muzikale roes. De relatieve stilte voelt vreemd. Eenmaal buiten blijkt de wereld gewoon te hebben doorgedraaid. Zonder mij. En zonder de muziek. Het kan dus, leven zonder de Canto Ostinato. Maar als je dan toch de keuze hebt, doe ik het liever mét. Oordeel hieronder zelf ….
 

donderdag 7 maart 2013

't Spuihuis - Bergen op Zoom

Man en ik hadden op die prachtige eerste lentemiddag van 2013 een afspraak in West-Brabant. Lang van te voren had ik bedacht daarna te gaan eten bij restaurant Jagersrust in Ossendrecht. Carla had op haar recensieblog een keer positief geschreven over deze landelijk gelegen horeca-gelegenheid. Aangezien ik blindelings vertrouw op haar goede smaak, leek het mij een goed plan zelf een kijkje te gaan nemen.

Aangezien Jagersrust ook lunches aanbiedt, dacht ik er rond vijf uur te kunnen neerstrijken om voorafgaand aan het eten nog wat te kunnen drinken en te ontspannen. Het mocht niet zo zijn.Bij aankomst zag alles er opvallend gesloten uit, nergens lichtjes te bekennen. Ook de telefoon wordt niet opgenomen. (Achteraf gezien blijkt Jagersrust op woensdag van hun welverdiende rustdag te genieten. In het vervolg dus beter de openingstijden controleren). Beduusd kijken we elkaar aan. Wat nu?

We besluiten naar ’t Spuihuis in Bergen op Zoom te rijden. Gelukkig staan daar de deuren al gastvrij open en kunnen we terecht. We krijgen een mooie ronde tafel toegewezen, die met wit linnen gedekt is.
Uit een losse wijnkaart met wijnen per glas, kies ik een frisse sauvignon blanc. Die bevalt me prima. Op tafel verschijnen twee knabbels. Een kletskopje en een kaasstengel. De foto’s zijn van een erbarmelijke kwaliteit, maar zonder enige vorm van illustratie wordt het wel erg saai. Eens te meer blijkt hieruit dat ik een liefhebber ben van eten, niet van fotograferen.


De amuse bestaat uit tartaar van kalfsvlees met een rolletje komkommer, wasabi-kogeltjes en een wasabisorbetje. Hoewel ik beslist geen rauw-vleeseter ben, is het een delicaat gerechtje.


Als voorgerecht hebben we gekozen voor een vitello tonato. Dunne plakjes rosé gebraden kalfslende met yellowfin tonijn, rucola en kroketjes van ansjovis. De kroketjes zijn heerlijk zout en passen perfect bij de zachte, neutrale smaak van het vlees.


Voor wat betreft het hoofdgerecht zijn we nieuwsgierig naar de `vangst van de dag`. Dit blijkt roodbaars te zijn, een vissoort die de Man en ik erg weten te waarderen.
Eenmaal op ons bord, zien we een perfect gebakken stukje van deze vis, geflankeerd door twee reuzengamba’s. Eronder wat gestoofde courgette met ernaast  een crème van pompoen. De begeleidende saus is vederlicht en heeft een subtiele toets van kerrie.


Aan een dessert komen we niet meer toe. We sluiten af met een espresso en een thee. En hoera!, weer een restaurant die bij thee niet automatisch denkt aan voorverpakte zakjes. Ik kan kiezen uit maar liefst twaalf soorten thee van het merk Fleur de café. Op tafel verschijnt ook nog een schattige etagère met een aantal snoeperijtjes. Uitermate voldaan verlaten wij omstreeks 21.30 uur het pand en tuffen richting Zeeland.

maandag 4 maart 2013

Mijn buren en ik

Ik koester een onuitroeibare liefde voor mijn buurtjes. Wat zijn ze hartverwarmend, met hun dynamische joei de vivre-mentaliteit en hun schattige verkleinwoordjes.
Als ik bij hen op bezoek ben, lijkt het alsof de wereld plotseling minder kleurloos wordt. Er hangt een soort van blijdschap in de lucht, die me met één vingerknip van mijn winterblues bevrijdt.
Mijn buurtjes wonen in Vlaanderen. Niet zo heel ver bij me vandaan. Dus kan ik ze zonder probleem met enige regelmaat een bezoekje brengen. Gelukzalig dwaal ik er rond in hun grootste supermarkt, de Carrefour. En altijd ontdek ik weer producten die hier (in Nederland) niet te koop zijn. Dat wil zeggen: niet bij onze Appie.

Afgelopen vrijdag was ik er opnieuw. Likkebaardend leg ik de befaamde “Belze” koffiekoeken in mijn kar, gevolgd door het echte bruine (ofwel grijze) brood. Daarna is de chocolade aan de beurt en de befaamde Brugse blomme. Op naar de charcuterie voor de onweerstaanbare hesp en rilettes. Verder wordt het karretje gevuld met Leffe, Chimay, Orval trappist. De wijnafdeling is zó uitgebreid dat ik bijna geen keus weet te maken. Terug weer naar de koeling voor de gezouten roomboter en de platte kaas. O, en bij het non-food vind ik nog een lief maatbekertje van 1 dl. Mag ook mee.

Bij de kassa blijkt het Complimentendag te zijn. Naast de gebruikelijke klantvriendelijke benadering krijgen we een kaartje. Met tekst. Bedoeld om de positiviteit waar zo’n dag voor in het leven is geroepen, kracht bij te zetten.

En omdat ik zoveel van jullie hou, geef ik deze boodschap met liefde door aan al mijn zuiderbuurtjes: ge zijt nen toffe peer!

zaterdag 2 maart 2013

Chateau migraine

Soms denk ik oprecht heel diep na. Echt waar. Over consuminderen. Over mijn verkwistende houding wanneer het om lekker eten gaat. Gewoon kopen waar je trek in hebt, is ronduit decadent. Dat snap ik best. Dus spreek ik mezelf daar regelmatig over aan. “Goed is goed, hè Nellie”, hoor ik mijn vadertje zeggen, met een tuitmondje en licht geloken ogen.
 
“Ja maar, pap, er is zovéél lekkers. En ik wil het zo graag allemaal proeven”. Ibericoham, lijngevangen zeebaars, kalfswangetjes, Italiaanse nougat, rauwe tonijn, Thieme’s thee, king crab, onvervalste Engelse marmelades, macarons, rauwmelkse Munster ….

Ach ja, met dat willen proeven is natuurlijk ook niet zoveel mis, zolang ik me er maar van bewust blijf dat ik er best veel geld aan spendeer. Met dergelijke opvattingen sus ik een opkomend schuldgevoel, ondertussen mijn tanden zettend in de zoveelste luxe-lekkernij. Shame on me … tis helemaal waar …. jullie hebben voor 100% gelijk!

Jawel, ik zou mezelf streng toe kunnen spreken met allerhande moralistisch geneuzel over hongerlijdende kinderen in Afrika, maar laat ik het niet erger maken dan het is. Niets menselijks is mij vreemd en een bepaalde mate van hypocrisie zit ook in mijn genen ingebakken. Het laatste wat ik wil is Roomser overkomen dan de paus (ook al is die laatste functie dan momenteel vacant). Maar laat ik er dit over zeggen: als er morgen iemand bij mij aanbelt, dan wel mailt of schrijft met de boodschap dat hij/zij honger lijdt, dan kook ik zonder aarzelen een voedzame maaltijd voor die persoon.

Terug naar het begin. Decadent eet- en drinkgedrag. Wijn hoort zeker in dit lijstje thuis. Ik haal de flessen gegist druivensap overal vandaan, via internet, bij slijters, op proeverijen, behalve bij de supermarkt. Want oei, wat ben ik daarmee in het verleden vaak op mijn snuit gegaan. Nu de consuminderweken echter even hoogtij (wees gerust, het is maar tijdelijk) vieren in huize Eetplezier, begaf ik mij weer eens richting grootgrutter om wat alcoholische versnaperingen in te slaan. Fout! Was ik naar meneer Appie gegaan, dan was het leed waarschijnlijk allemaal nog wel te overzien geweest. Appie heeft, geleuft het of nie, wijninkopers in dienst. En ook al is de reputatie van Appie op velerlei gebied twijfelachtig te noemen, van wijn hebben ze duidelijk meer kaas gegeten dan bij meneer Olifant.

Bij die laatste nam ik een Zuid-Afrikaanse shiraz mee en een cabernet sauvignon uit Nieuw-Zeeland. Direct na het inschenken van de shiraz, rook ik iets “rubberachtigs”. Terug naar de fles om te kijken of ik me niet vergist had en per ongeluk een pinotage had meegenomen. Niet dus. Daarna stak ik mijn neus in het glas en nam een duidelijke putlucht waar. Een voorzichtige slok vertelde me dat bij deze wijn ofwel slechte vinificatiemethoden gebruikt waren, ofwel dat deze alleen in het schap gezet was ter versiering. Enfin, kan gebeuren. Fles nr 2 dan maar proberen. Ook deze bewandelde dezelfde weg als zijn voorganger. Van neus, naar mond, naar gootsteen.Ik drink een glaasje voor het plezier; niet om maagzuur aan over te houden!

Dit alles stemt opnieuw tot een potje stevig  nadenken. Maar of dit ook daadwerkelijk tot consuminderen gaat leiden …. ik vrees het ergste.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...