maandag 1 september 2014

Pure verwennerij

 
Verwennen. Ik hoor het haar zeggen, als ik mijn allereerste afspraak met haar maak. Pas als ik weer buiten sta, dringt de werkelijke betekenis van het woord tot me door. Ik voel een frons ontstaan, terwijl ik de letters nogmaals uitvoerig langs mijn gehemelte laat walsen. V-e-r-w-e-n-n ..... jezus, ik zal toch wel een bonafide salon uitgezocht hebben? Zonder bijbedoelingen en zo? Voor een mens het weet zit je tegenwoordig in de meest onverkwikkelijke zaken gewikkeld.

Gelukkig kan de vriendin met de appeltjesfrisse teint en perfect gestileerde wenkbrauwen me geruststellen. Vakjargon, zegt ze. Niets aan de hand. Geef je eraan over. Het is echt heerlijk. Op de dag des oordeels begeef ik me echter toch nog enigszins twijfelachtig  richting De Salon. Vooralsnog houd ik me vast aan het idee dat dit, in tegenstelling tot een tandartsbezoek, in ieder geval geen pijn gaat doen. Schoonheid. Mooi maken. Revitaliseren. Egaliseren. Dat soort termen kunnen toch niet anders bedoeld zijn om het gestage aftakelingsproces dat zich na de postmenopauze zich steeds duidelijker weet te manifesteren, in te dammen?

Met vaardige handen doet de verwenmevrouw een wit met roze hartjes versierd, elastieken bandje in mijn haar. Onmiddellijk begin ik verdacht veel op een Fifi-hondje te lijken. Met verbazing aanschouw ik de immense collectie potjes en tubetjes op het tafeltje naast me. Zit hier mijn jeugdige uitstraling in verstopt? Dan begint het echte werk. Eerst ga ik uw huid intensief reinigen, hoor ik. Stiekem voel ik aan mijn wang, zouden er nog zeepresten van vanmorgen zijn achtergebleven? De vingers van de verwenmevrouw trippelen daarna vrolijke dansjes langs alle dieptelijntjes. Rimpels mag ik niet zeggen van mijn welgevormde en keurig gemake-upte vriendin. Klinkt veel te negatief. En negativiteit laat het lichaam nog sneller degenereren. Intussen wordt er aan mijn hoofd flink gereinigd, geëpileerd, gescrubd en gemasseerd. Langzaam begin ik te ontspannen. Jeuhhhh, best fijn eigenlijk, dat gerommel aan je huid, terwijl je niets kunt doen. Ik zak weg in een tijdloos vacuüm.
 
Aaaaauuuuuwwwww! Hellup, wat gebeurt er? Dit is het minst leuke onderdeel van de behandeling, hoor ik een stem achter me zeggen. Met een naaldje prik ik eerst de huid rondom de gerstekorrels open en daarna druk ik ze met een soort van lepeltje eruit. Godallejezus, ik moet moeite doen om het gereedschap niet uit haar handen te trekken. Zat ik hier niet om verwend te worden? Voor ik iets kan zeggen over het onverwachte ongemak, wordt er een weldadig aanvoelende laag over mijn gezicht uitgespreid. Dit moet even inwerken, zegt de mevrouw met de wriemelvingertjes. In de tussentijd scrub ik uw handen en masseer deze. Het wegzakken voltrekt zich steeds sneller. En dieper ook.

 Als ik thuiskom zie ik tot mijn grote ontzetting dat het aanrecht veel weg heeft van een witbesneeuwd maandlandschap. De Man staat ervoor. Tot aan zijn ellebogen met een lap deeg in de weer. We eten pizza, roept hij duidelijk tevreden met zijn keuze voor de maaltijd.

Ik ben nog te druk bezig met het verwerken van de aanblik van zoveel chaos en geef vijf seconden te laat antwoord. Hij draait zich om. Aan de stand van zijn wenkbrauwen zie ik dat hij vreselijk veel moeite doet zich iets te herinneren. Dan herpakt hij zich, spoedt zich in mijn richting en bestudeert mijn gezicht met een onderzoekende blik. Het lijkt alsof je zojuist een uur in een storm met windkracht 10 hebt gelopen, luidt het eindoordeel. Dat bevalt me eigenlijk wel. Het had vele malen erger gekund.

In de veilige ruimte van de badkamer bekijk ik het resultaat. De wonderkristallen hebben inderdaad de grauwsluier van mijn gezicht weten te halen. Hoest mogelijk. Niet dat ik me plotseling een begeerlijke twintigjarige voel, maar een glad huidje doet wel wonderen voor je gevoel van eigenwaarde dat aardig gedateerd begint te raken. In mijn nopjes keer ik dan ook terug naar de huiskamer, alwaar de Man muziek aan het organiseren is via de Ipad. Verhip, het aanrecht ziet er plotseling ook weer spic en span uit. Uit de oven komt een aangename geur van vers deeg en oregano. Die tempranillo of liever sauvignon blanc, informeert mijn liefhebbende huisgenoot, terwijl hij de kussens van de bank nog eens opschikt. Opeens valt het me op hoe keurig de tafel gedekt is. Zonder kaarsen, dat wel. Kijk, een mens dient wel realistisch te blijven na 35 jaar samen-zijn. Romantische dineetjes horen daar niet meer bij. Net zomin als de wilde nachten die erop volgden.

Ervoor in de plaats krijg ik mijn favoriete wijntje ingeschonken en wordt er een enorme pizza voor mijn neus gezet, rijkelijk belegd met tomaat, aubergine, paprika, champignons, tonijn, olijven en mozzarella. Verder op tafel een gemengde salade met rucola, tomaten, venkel en pijnboompitten. dat wordt genieten in het kwadraat. Niemand beter als mijn eigen Mannetje weet hoe ik écht verwend wil worden. En daar komt geen tubetje, flesje of potje aan te pas.

dinsdag 26 augustus 2014

Mojito ijs


Kijk, met die zomer komt het dit jaar waarschijnlijk toch niet meer écht goed. Laten we onze hoop vestigen op een aantal van die heerlijk zachte nazomerdagen. Waarop 's morgens de witte nevel als een geheimzinnige sluier over de velden hangt en de atmosfeer vervuld is van een knisperende kruidigheid. De afgelopen weken blééf ik maar wachten op die koperen ploert. Zodat ik alsnog aan mijn lijstje met favoriete ijsrecepten kon beginnen. Ik heb het opgegeven. Dan maar zonder zon. Zullen we afspreken dat hiermee het laatste woord is gesproken over deze uiterst vreugdeloze maand?

Cocktails. Ik ben er dol op. Decadentie in het kwadraat. Néé-héé, geloof nu niet meteen dat ik als een  Gooisch dametje mijn tijd verdoe met zinloos geshop en het daarna blasé wegwerken van talloze glazen. Het gaat mij om de aantrekkingskracht. Zo'n hoog, versierd glas met kleurige laagjes. Citroenschijfje aan de rand. Als ik op een zonnige dag op een terras eens een keer zo'n glas bestel, voel ik me als Barbie. Leeghoofdig, verwend en voorzien van een hoog aaibaarheidsgehalte.

Bij nader inzien smaakt zo'n lepeltje ijskoude mojito-cocktail eigenlijk altijd. Warm of niet. Let op: met een hoge concentratie alcohol erin wordt ijs nooit echt erg stevig. Het zal jullie bekend zijn. Enne ... nog een kleine waarschuwing vooraf: door gebruik van suikerwater heeft dit mojito-ijs wel een lager promillage dan het gelijknamige drankje, maar vergis je niet. Na één bolletje kan het al aardig beginnen te zoemen in je hoofd. Voor de echte die-hards dus.

Om te beginnen maak je suikerwater. Dit is het basisrecept:
600 gr water
350 gr suiker
50 gr druivensuiker (dextrose)

Breng het water aan de kook. Doe de suiker en druivensuiker erbij. Roer ongeveer een halve minuut tot alle suiker is opgelost. Laat dit afkoelen. Als het genoeg afgekoeld is, plaats je het tot gebruik in de koelkast. Hierin blijft het minstens twee weken goed.

Ingrediënten: (voor circa 4 - 5 bolletjes)
8 blaadjes verse munt (ik gebruikte de dubbele hoeveelheid)
200 gr suikerwater (zie boven)
100 gr rum
50 gr limoensap
20 gr eiwit

Bereidingswijze:
Wrijf de muntblaadjes in je hand over elkaar zodat de oliën vrijkomen en doe de blaadjes in een hoge maatbeker.
Voeg het suikerwater, rum, limoensap en eiwit toe.
Roer het geheel door met een lepel zodat de oliën uit de muntblaadjes worden opgenomen.
Laat 30 minuten staan zodat de munt zijn smaak helemaal heeft afgegeven.
Haal de muntblaadjes eruit en doe het mengsel in de ijsmachine.
Als je het ijs van tevoren klaarmaakt, bewaar het dan in de koelkast en roer het mengsel nog even door voordat het de ijsmachine in gaat.

Bron: IJstijd - Kees Raat en Barbara Buiten




zondag 24 augustus 2014

Paling in ’t groen, volgens Sam Uil

Iedereen die woont in de westhoek van Schouwen-Duiveland kent Sam Uil. Deze markante persoonlijkheid - grijs baardje, geruit overhemd, onafscheidelijke pet en goedlachs voorkomen - vaart elke dag de Oosterschelde op om zijn netten en fuiken te leggen. Kreeften en paling, daar gaat het Sam om. Vanuit zijn schuurtje onderaan de dijk bij het haventje van Burghsluis, verkoopt hij deze zilte lekkernijen. Verser kan je het niet krijgen. Niemand die beter weet hoe paling en kreeft hoort te smaken dan deze visser. Alles van buiten de azuurblauwe Oosterschelde heeft een nare grondsmaak. Vindt Sam. Daar valt niets mee te beginnen.  Daarom rookt hij zijn paling ook zelf, op zijn eigen authentieke manier. De iets dikkere soortgenoten worden verkocht om te kunnen bakken. Of te stoven, zoals in onderstaand gerecht.

Paling in 't groen is een gerecht wat bij onze zuiderburen veel bekender is dan bij ons. Om één of andere duistere reden wordt het hier in Nederland weinig gegeten. Terwijl het toch echt o zo lekker is. Het zurige van de kruiden en de wijn  in combinatie met het vette van de vis .... u mag mij er voor wakker maken. In Vlaamse kookboeken vind je wel 1001 recepten ervan. Met spinazie. Met room. Met eidooier. Zo nauw steekt het dus allemaal niet. Als je maar verse duimdikke paling gebruikt, in combinatie met een halve kruidentuin en een ferme scheut wijn en goede boter. Geen frutsels, geen fratsen. Veel meer is het eigenlijk niet. Maar lekker!

Helaas is een gemakkelijke bereidingswijze heel wat anders dan het betere fotografiewerk. Echt, het is niet te doen, dit gerecht een beetje fatsoenlijk op de gevoelige plaat te krijgen. Nu ligt dat vanzelfsprekend voor het grootste deel aan mijn klunzigheid op dit gebied, maar toch ... grijs-witte stukjes vis in een helgroene saus vertoont al snel de kenmerken van een smoezelige vijver gevuld met kikkerdril dat al geruime tijd over de datum is. Dus om jullie eetlust niet aan te tasten, heb ik gekozen voor een geleende foto van onze buurtjes bij Njam.tv. Een mens dient soms hard te zijn voor zichzelf.

Noot: zuring is bijna niet krijgen. Als je van wildplukken houdt, is het volop aanwezig, maar laat dat nu net niet mijn favoriete bezigheid zijn. En och, het is ook niet per se noodzakelijk. Je kunt gerust variëren met de samenstelling van de kruiden. Zelf houd ik wel altijd vast aan dille en salie. Dit keer heb ik in plaats van kervel, dragon gebruikt. Dit anijsachtige kruid gaat prima samen met vis.

Ingrediënten (voor 4 personen)
1 kilo dunne paling, in mootjes van 5 cm
100 gr gesnipperde ui
10 gr zuring
5 gr dille
10 gr kervel
10 gr peterselie
4 blaadjes salie
takje tijm
2 laurierblaadjes
1 dl droge witte wijn
1 dl visfond
100 gr boter
peper/zout.
1 dl ongezoete slagroom (optioneel)

Bereidingswijze:
Smelt de boter en voeg de uien en paling toe.
Bak het even flink door, blus af met de visfond en de witte wijn.
Voeg nu de salie, tijm en laurier toe en laat het geheel 10 minuten stoven.
Doe er daarna de fijn gehakte kervel, dille, zuring en peterselie bij.
Laat even goed doorpruttelen. Als je room wilt gebruiken, kun je deze nu toevoegen.
Breng het geheel op smaak met peper en zout.

Serveer de paling met gekookte aardappeltjes en een groene groente, zoals broccoli.

Bron foto: Njam. tv.


woensdag 20 augustus 2014

De Korenbeurs Willem4 - Kortgene

Lef heb je er voor nodig. En een fikse dosis ambitie. Martin Ozinga en zijn vrouw Ellen bezitten het allebei. Was Martin voorheen werkzaam als chef bij Las Palmas en Groot Paardenburgh, sinds 2013 heeft hij er voor gekozen om de scepter te zwaaien in zijn eigen restaurant, te weten Willem 4 te Kortgene. Dit lieflijke dorpje ligt op Het Zeeuwse Noord-Beveland, wat aan de zuidzijde grenst aan het in de zomer druk bevaren Veerse Meer en aan de noordzijde aan de Oosterschelde.

Bij binnenkomst wordt meteen duidelijk dat hier flink verbouwd is de afgelopen tijd. Het moderne interieur laat een smaakvolle kleurencombinatie zien van lichtgrijs, chocoladetinten met oranje. Op de tafels strak wit linnen. Aardig detail: zelfs de waterglazen zijn van een subtiel oranje. Comfortabele stoelen en een dito bank. We krijgen de tafel die we wensen, bij het raam. Niet lang erna wordt er brood geserveerd met een heerlijk grassige olijfolie.
Het pand bevat een "open" keuken. In afwachting van de kaart kijk ik met veel genoegen naar de koks die zichtbaar zijn achter twee ramen. Het valt me op hoe rustig en geconcentreerd er gewerkt wordt.
De kaart laat een modern concept zien: elk gerecht is te bestellen in een reguliere portie van € 7,50 en in een dubbele hoeveelheid van € 15,00. Tevens is er te kiezen uit een 4-, 5-, of 6-gangen verrassingsmenu. Een apart onderdeel op de kaart zijn de gerechten van Black Angus vlees, bereid op de houtskooloven. Ik zie twijfel aan de andere kant van de tafel, maar uiteindelijk wordt toch ook daar gekozen voor een 4-gangenmenu.
De voorgerechten verschijnen op tafel. Voor mij de komkommergazpacho met een ferme plak mozzarella en tomatensalsa. Een behoorlijke hoeveelheid wat mij betreft, maar al met al een heerlijk frisse starter.
Aan de overkant twee fijne stukjes rode poon op de borden. Eronder ligt wat zalm en vederlichte tortellini. Er wordt instemmend geknikt. Niet te veel fratsen op het bord, maar puur en herkenbaar eten.
Het tweede voorgerecht bestaat voor mij uit een gambaspiesje met meloenbolletjes en kerriemayonaise. Hoewel de gamba's voortreffelijk gegaard zijn en het bord een plaatje vormt, blijf ik toch altijd een lichte twijfel houden bij de combi vis en fruit. Afzonderlijk zijn beide ingrediënten dik in orde, maar voor mij is het nog niet echt een homogeen geheel. Misschien is het gerecht in zijn beginstadium en dient er nog aan gesleuteld te worden?
Mijn tafelgenoten genieten ondertussen van een tweetal botermalse coquilles met pijlstaartinktvis en zoetzure venkel.
We pauzeren even voor het hoofdgerecht komt. De Sancerre waarvoor we gekozen hebben, wordt bijgeschonken. Een kwartiertje later verschijnen de hoofdgerechten. Mijn hoofdgerecht is scholfilet (dubbele portie) in een honing-mosterddressing. Als groente een aantal knapperige groene asperges , gegrilde courgette en iets met pompoen. Dit laatste ben ik vergeten na te vragen. De vis is perfect gegaard, spartelvers te noemen en ook de verschillende ingrediënten matchen goed met elkaar.
Ook aan de andere zijde zijn ze blij met hun voortreffelijke moot schelvis. Jammer alleen dat er vrijwel een identiek garnituur bij wordt geserveerd. Toch mag dat de culinaire pret zeker niet drukken.
Het dessert uit het verrassingsmenu laat een mooi assortiment zoetigheid zien: een zacht-smeltende mini madeleine, een vierkantje cheesecake, een bolletje roomijs en flinterdunne flensjes in een overheerlijke mandarijnensaus.
Zelf ben ik dik tevreden met de gemarineerde aardbeien/frambozen met ananascarpaccio en amandelcrumble.
Als afsluiter willen we nog graag een kopje thee en espresso. Manlief informeert als doorgewinterde espressodrinker naar het merk koffie. Jammer is dan te moeten horen dat er alleen Alex Meijer koffie wordt geschonken. Niet te hachelen. Ook aan het thee assortiment mag wat mij betreft nog gewerkt worden. In een restaurant met deze status zou een collectie losse thee zeker niet misstaan. Voor het overige niets dan lof. Prettige bediening. Comfortabele stoelen. En een prijs-kwaliteitverhouding die meer dan in orde is..

Na afloop schuift chef Martin nog even aan aan onze tafel. Er ontspint zich een genoeglijk gesprek. Hij vertelt met zoveel liefde over zijn vak, de inkoop van verse, eerlijke producten en de bereiding ervan,  dat we hier onmiskenbaar te maken hebben met een chef van formaat. Zeeland is een prima adres rijker!

Restaurant Willem 4 is door Michelin onderscheiden met een Bib Gourmand. Bovendien beschikt het aangrenzende hotel De Korenbeurs over 11 riante logeerkamers en 1 grote familiekamer.

zaterdag 16 augustus 2014

Smaakbijbel

Op dood spoor. Inspiratieloos. Weinig verfrissend. Zo voel ik me de laatste tijd een beetje. Geen paniek! Het gaat hier slechts om culinaire bezigheden. Op alle andere vlakken voel ik me gelukkig nog steeds als een Zeeuws visje in het mij omringende zilte water. Okė, na 58 levensjaren hapert er hier en daar wel wat aan. Dat was in het verleden ook al zo, het wordt alleen de laatste tijd wat beter voelbaar. Nieleuknie, maar jullie tijd is beperkt weet ik inmiddels via Google Analytics. Elke bezoeker spendeert twee minuten en achtenveertig seconden op mijn blog, dus wat jullie betreft graag direct to the point, begrijp ik. Geen gezeur over lichamelijke mankementen, vrouwe Eetplezier. Dat doet u maar in uw eigen tijd.

Waar was ik gebleven? Dood spoor. Zoveel al gemaakt, even zoveel al gesmaakt. Van topvrouwen als Nigella en Elizabeth David tot wondermannen als Madhur Jaffrey en Ottolenghi. Hoeveel verschillende gerechten zijn er al wel niet uit mijn kleine keukentje gekomen? O nee, beslist geen haute cuisine, wat dat aangaat heb ik totaal geen pretenties, maar van alle culturen hebben er al wel minstens tientallen gerechten op mijn bordje gelegen. Mullitagawny, roti, daging rendang, zarzuela, boeuf bourguignon, pad thai, Irish stew, paling in 't groen, stifado, yakitori, het heeft allemaal de revue gepasseerd. En dan heb ik het met name ook over de periode ver vóór ik dit blog begon. Hele weekenden was ik in de weer met potten en pannen. Dat is in de loop der tijd wel iets afgenomen, hoewel het fornuis nog steeds een grote aantrekkingskracht op me heeft. Echter, het klakkeloos nakoken van een recept uit een boek bevalt me tegenwoordig maar zo-zo. Ik bespeur bij mezelf een toenemende behoefte aan culinaire creativiteit.

En nu dan? Weer een kookboek toevoegen aan de inmiddels omvangrijke collectie? Ik moet jullie bekennen dat zelfs rondneuzen in de kookboekenhoek van mijn favo boekwinkel aan ultiem genot lijkt te hebben ingeboet. Dat is vreselijk natuurlijk. Is hiermee de trend ingezet naar de finale aftakeling? Nee, gelukkig niet, I was saved by the bell, toen ik deze Smaakbijbel van Niki Segnit zag liggen. Dit boek staat boordevol inspirerende smaakcombinaties. Iedereen weet dat koks als Heston Blumenthal en Ferran Adrià er lustig op lus durven combineren. Als ik, als amateur, hetzelfde doe, kan dat heul verkeerd uitpakken. Natuurlijk leer je na verloop van tijd smaken te "proeven" terwijl je je de ingrediënten voor de geest haalt, maar nieuwe combi's dien je toch uitsluitend voor jezelf te maken en zeker niet aan je gasten te presenteren.

De Britse Niki Segnit begon met een lijst van 99 smaken op te stellen. Daaruit vormde ze groepen van 3-10 verwante smaken, benoemd naar een gemeenschappelijke factor: vlees, aarde, zwavel, zee, bos enz. Bij elke groep eerst een opgave van de smaken. In Geroosterd b.v.: chocolade, koffie, pinda's. Elke smaak/ingredient wordt kort ingeleid, daarna volgen op alfabetische volgorde tientallen combinaties, steeds met een verklaring, vaak ook met een beknopt recept. Indien van toepassing wordt correct verwezen naar een andere groep. Er staan combinaties in die we allemaal kennen, zoals zalm+dille. Chocolade+aardbei. Pompoen+geitenkaas. Ei+spek. Maar wat te denken van: oester+mierikswortel. Of saffraan+amandel, te verwerken in een cake. Basilicum+kokos. En nog zo'n opmerkelijke: broccoli+citroen. Stuk voor stuk boeiende samenstelsels die me verlangend doen uitzien naar het bereiden ervan.

Tussen de beschrijvingen staan vaak bedrieglijk eenvoudige receptjes. Maar wel zodanig omschreven dat je niet kan wachten om ze te willen proeven. Kortom: de Smaakbijbel is een inspirerend en informatief boek dat, hoewel smaak natuurlijk een subjectief begrip blijft, toch een mooie leidraad vormt voor mijn toekomstige culi-experimenten. Rijden met die trein ....

N.B. Ik word niet gesponsord om dit artikel te publiceren. Bovendien heb ik geen enkele commerciële connectie met de uitgever van dit boek. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.


maandag 11 augustus 2014

Zomerkostelijkheid


In vakantietijd hoef ik niets ingewikkelds. Geen recept om uit te proberen. Geen pruttelende pannen op het vuur. Al mijn kookboeken staan bedremmeld naar me te loeren. Zijn ze afgedankt? Niet meer in tel? Ik aai ze eens liefdevol over hun ruggetjes en spreek ze geruststellend toe. Over een tijdje, jongens, dan zijn jullie weer aan de beurt. Nu even niet. ♪♪It's summertime, summertime, sum-sum summertime♪♪

In vakantietijd voed ik me met uitbundige zonnestralen en laaf ik me aan kabbelend zeewater. Veel meer heb ik dan niet nodig. Oké, het is slechts symbolisch bedoeld, want natuurlijk kan geen mens leven van lucht alleen, maar er valt zoveel moois te ontdekken als de zon schijnt en de dag zich 's morgens voor je voeten geheel en al blanco uitrolt, dat alle keukenperikelen toch vanzelf naar de achtergrond verschuiven.

Vakantie houden gaat toch ook vooral over lui durven zijn. Over doen waar je zin in hebt. Over zijwegen inslaan die je normaliter onopgemerkt laat. Alleen op die wijze kom je werkelijk tot rust. En op onverwacht leuke adresjes. Soms waan je je daarbij aan het eind van de wereld en vaak moet je twee keer met je ogen knipperen, maar geloof me, deze schilderachtige plekjes bestaan nog écht. De pluk- en theetuin in Looperskapelle is er zo een. Ze schenken er heerlijke thee met huisgemaakt gebak en voor een luttel bedrag mag je er een boeket bloemen plukken. In de weelderige tuin is het goed verpozen onder de schaduwrijke bomen.
Bij thuiskomst ploffen we neer voor ons dagelijkse glaasje geestrijk vocht, om daarna rozig te bekijken wat de koelkast te bieden heeft. Onze magen dienen gevuld te worden, zoveel is duidelijk, maar dat kan in vakantietijd op zoveel manieren. Een restje gekookte aardappelen, wat smeekt om rauwe venkel en fijngesneden ham. Een handvol cherrytomaatjes met basilicum, grof zeezout en maagdelijke olijfolie op getoast brood. Een blauwschimmelkaasje in blokjes door een snelle pastasalade. Een rijkelijk gevulde omelet met grof boerenbrood. Of, als de ledigheid in zijn volle omvang heeft toegeslagen, vinden we het ook prima genoegen te nemen met een schaaltje olijfjes, een hand zoute amandelen en wat flinters parmaham. Wilde perzik, mineola, mango en dauwverse frambozen als toetje. Dat soort dingen. Het leven (lees: Eetplezier) wordt er niet anders door. Wel gemakkelijker.


zondag 10 augustus 2014

Grasduinen op Schouwen-Duiveland

 
Het heeft iets magisch, rondcrossen door boswachterij Westerschouwen. Naast het heuvelachtige duinlandschap met uitgestrekte zandverstuivingen vind je er duinweiden, lieflijke doorkijkjes, feeërieke vennetjes en vogelrijke bosranden. Loof- en dennenhout wisselen elkaar in rap tempo af. Van de robuuste Corsicaanse den tot aan de fragiel wiegende lijsterbes, alles is aanwezig in dit prachtige natuurgebied dat lijkt te zijn weggeplukt uit een mythische fabel. Goed, je hebt gelijk, ik overdrijf. Dat is altijd zo met mensen die verliefd zijn. Vanaf de allereerste keer dat ik kennismaakte met deze 330 ha grote boswachterij heb ik mijn hart eraan verpand. Het ruisen van de branding (waar je ook bent, overal hoor je de nabijgelegen Noordzee), het getsjilp in de bomen, het geheimzinnige geritsel van sprinkhanen en krekels in de bermen, de stilte op de eindeloze zandvlakten, het  gaat me nimmer vervelen hier rond te dolen.
De hoofdingang is bij de excursieschuur aan de Kraaijensteinweg. Op deze zonnige, maar winderige dag kiezen Man en ik echter voor de ingang aan de A. van der Weijdeweg. Als we kort daarna het wildrooster oprijden, zien we de autochtone bewoners van dit natuurgebied al opdoemen. Het is een fikse menigte dit keer. Vanonder hun lange manen keuren ze ons geen blik waardig en scharrelen stoïcijns verder. Met de uiterlijke kenmerken van een ruige zeebonk: behaard, gespierd en met een redelijk verweerd voorkomen, voelen de ruim 90 Shetlandpony's zich volledig thuis in deze voor hen natuurlijke habitat. En het gekke is: ik ben niet eens bang voor deze beestjes, terwijl ik normaal gesproken al bij het minste geluid van trappelende paardenvoetjes zelf zo'n beetje op hol sla. Enfin, het zal de rustgevende entourage zijn. Hoewel ze zich heel fotogeniek weten te gedragen, is mijn fascinatie voor ze opnieuw vele malen groter dan de behoefte ze op de gevoelige plaat vast te leggen. Het is niet anders.

Halverwege onze tocht komen we via een fikse afdaling aan bij de zogeheten zeereep. Een duinenrij  die direct grenst aan het Noordzeestrand en vaak functioneert als zeewerend duin. Op deze imposante zandverstuiving is slechts flora te vinden die weinig eisen stelt, zoals het befaamde helmgras, St. Jacobskruiskruid, duindoorn en de blauwe zeedistel.
Boswachterij Westerschouwen is, met uitzondering van de aan de noordzijde gelegen Meeuwenduinen, grotendeels vrij toegankelijk. Te voet, per fiets of met een paard het gebied in, het is allemaal mogelijk. Er is een speciaal rondlopend tegelpad aangelegd waar rolstoelgebruikers gebruik van kunnen maken. Verder tref je er picknicktafels, fietsenstallingen, infopanelen, een schuilhut en twee uitzichttorens.

Genoemde Meeuwenduinen zijn vanwege de rust beperkt toegankelijk. Dus alleen op de gemarkeerde wandelroute en buiten het broedseizoen (15 maart tot 15 juli). Je kunt daar dan enkel wandelen onder leiding van een gids.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...