woensdag 20 augustus 2014

De Korenbeurs Willem4 - Kortgene

Lef heb je er voor nodig. En een fikse dosis ambitie. Martin Ozinga en zijn vrouw Ellen bezitten het allebei. Was Martin voorheen werkzaam als chef bij Las Palmas en Groot Paardenburgh, sinds 2013 heeft hij er voor gekozen om de scepter te zwaaien in zijn eigen restaurant, te weten Willem 4 te Kortgene. Dit lieflijke dorpje ligt op Het Zeeuwse Noord-Beveland, wat aan de zuidzijde grenst aan het in de zomer druk bevaren Veerse Meer en aan de noordzijde aan de Oosterschelde.

Bij binnenkomst wordt meteen duidelijk dat hier flink verbouwd is de afgelopen tijd. Het moderne interieur laat een smaakvolle kleurencombinatie zien van lichtgrijs, chocoladetinten met oranje. Op de tafels strak wit linnen. Aardig detail: zelfs de waterglazen zijn van een subtiel oranje. Comfortabele stoelen en een dito bank. We krijgen de tafel die we wensen, bij het raam. Niet lang erna wordt er brood geserveerd met een heerlijk grassige olijfolie.
Het pand bevat een "open" keuken. In afwachting van de kaart kijk ik met veel genoegen naar de koks die zichtbaar zijn achter twee ramen. Het valt me op hoe rustig en geconcentreerd er gewerkt wordt.
De kaart laat een modern concept zien: elk gerecht is te bestellen in een reguliere portie van € 7,50 en in een dubbele hoeveelheid van € 15,00. Tevens is er te kiezen uit een 4-, 5-, of 6-gangen verrassingsmenu. Een apart onderdeel op de kaart zijn de gerechten van Black Angus vlees, bereid op de houtskooloven. Ik zie twijfel aan de andere kant van de tafel, maar uiteindelijk wordt toch ook daar gekozen voor een 4-gangenmenu.
De voorgerechten verschijnen op tafel. Voor mij de komkommergazpacho met een ferme plak mozzarella en tomatensalsa. Een behoorlijke hoeveelheid wat mij betreft, maar al met al een heerlijk frisse starter.
Aan de overkant twee fijne stukjes rode poon op de borden. Eronder ligt wat zalm en vederlichte tortellini. Er wordt instemmend geknikt. Niet te veel fratsen op het bord, maar puur en herkenbaar eten.
Het tweede voorgerecht bestaat voor mij uit een gambaspiesje met meloenbolletjes en kerriemayonaise. Hoewel de gamba's voortreffelijk gegaard zijn en het bord een plaatje vormt, blijf ik toch altijd een lichte twijfel houden bij de combi vis en fruit. Afzonderlijk zijn beide ingrediënten dik in orde, maar voor mij is het nog niet echt een homogeen geheel. Misschien is het gerecht in zijn beginstadium en dient er nog aan gesleuteld te worden?
Mijn tafelgenoten genieten ondertussen van een tweetal botermalse coquilles met pijlstaartinktvis en zoetzure venkel.
We pauzeren even voor het hoofdgerecht komt. De Sancerre waarvoor we gekozen hebben, wordt bijgeschonken. Een kwartiertje later verschijnen de hoofdgerechten. Mijn hoofdgerecht is scholfilet (dubbele portie) in een honing-mosterddressing. Als groente een aantal knapperige groene asperges , gegrilde courgette en iets met pompoen. Dit laatste ben ik vergeten na te vragen. De vis is perfect gegaard, spartelvers te noemen en ook de verschillende ingrediënten matchen goed met elkaar.
Ook aan de andere zijde zijn ze blij met hun voortreffelijke moot schelvis. Jammer alleen dat er vrijwel een identiek garnituur bij wordt geserveerd. Toch mag dat de culinaire pret zeker niet drukken.
Het dessert uit het verrassingsmenu laat een mooi assortiment zoetigheid zien: een zacht-smeltende mini madeleine, een vierkantje cheesecake, een bolletje roomijs en flinterdunne flensjes in een overheerlijke mandarijnensaus.
Zelf ben ik dik tevreden met de gemarineerde aardbeien/frambozen met ananascarpaccio en amandelcrumble.
Als afsluiter willen we nog graag een kopje thee en espresso. Manlief informeert als doorgewinterde espressodrinker naar het merk koffie. Jammer is dan te moeten horen dat er alleen Alex Meijer koffie wordt geschonken. Niet te hachelen. Ook aan het thee assortiment mag wat mij betreft nog gewerkt worden. In een restaurant met deze status zou een collectie losse thee zeker niet misstaan. Voor het overige niets dan lof. Prettige bediening. Comfortabele stoelen. En een prijs-kwaliteitverhouding die meer dan in orde is..

Na afloop schuift chef Martin nog even aan aan onze tafel. Er ontspint zich een genoeglijk gesprek. Hij vertelt met zoveel liefde over zijn vak, de inkoop van verse, eerlijke producten en de bereiding ervan,  dat we hier onmiskenbaar te maken hebben met een chef van formaat. Zeeland is een prima adres rijker!

Restaurant Willem 4 is door Michelin onderscheiden met een Bib Gourmand. Bovendien beschikt het aangrenzende hotel De Korenbeurs over 11 riante logeerkamers en 1 grote familiekamer.

zaterdag 16 augustus 2014

Smaakbijbel

Op dood spoor. Inspiratieloos. Weinig verfrissend. Zo voel ik me de laatste tijd een beetje. Geen paniek! Het gaat hier slechts om culinaire bezigheden. Op alle andere vlakken voel ik me gelukkig nog steeds als een Zeeuws visje in het mij omringende zilte water. Okė, na 58 levensjaren hapert er hier en daar wel wat aan. Dat was in het verleden ook al zo, het wordt alleen de laatste tijd wat beter voelbaar. Nieleuknie, maar jullie tijd is beperkt weet ik inmiddels via Google Analytics. Elke bezoeker spendeert twee minuten en achtenveertig seconden op mijn blog, dus wat jullie betreft graag direct to the point, begrijp ik. Geen gezeur over lichamelijke mankementen, vrouwe Eetplezier. Dat doet u maar in uw eigen tijd.

Waar was ik gebleven? Dood spoor. Zoveel al gemaakt, even zoveel al gesmaakt. Van topvrouwen als Nigella en Elizabeth David tot wondermannen als Madhur Jaffrey en Ottolenghi. Hoeveel verschillende gerechten zijn er al wel niet uit mijn kleine keukentje gekomen? O nee, beslist geen haute cuisine, wat dat aangaat heb ik totaal geen pretenties, maar van alle culturen hebben er al wel minstens tientallen gerechten op mijn bordje gelegen. Mullitagawny, roti, daging rendang, zarzuela, boeuf bourguignon, pad thai, Irish stew, paling in 't groen, stifado, yakitori, het heeft allemaal de revue gepasseerd. En dan heb ik het met name ook over de periode ver vóór ik dit blog begon. Hele weekenden was ik in de weer met potten en pannen. Dat is in de loop der tijd wel iets afgenomen, hoewel het fornuis nog steeds een grote aantrekkingskracht op me heeft. Echter, het klakkeloos nakoken van een recept uit een boek bevalt me tegenwoordig maar zo-zo. Ik bespeur bij mezelf een toenemende behoefte aan culinaire creativiteit.

En nu dan? Weer een kookboek toevoegen aan de inmiddels omvangrijke collectie? Ik moet jullie bekennen dat zelfs rondneuzen in de kookboekenhoek van mijn favo boekwinkel aan ultiem genot lijkt te hebben ingeboet. Dat is vreselijk natuurlijk. Is hiermee de trend ingezet naar de finale aftakeling? Nee, gelukkig niet, I was saved by the bell, toen ik deze Smaakbijbel van Niki Segnit zag liggen. Dit boek staat boordevol inspirerende smaakcombinaties. Iedereen weet dat koks als Heston Blumenthal en Ferran Adrià er lustig op lus durven combineren. Als ik, als amateur, hetzelfde doe, kan dat heul verkeerd uitpakken. Natuurlijk leer je na verloop van tijd smaken te "proeven" terwijl je je de ingrediënten voor de geest haalt, maar nieuwe combi's dien je toch uitsluitend voor jezelf te maken en zeker niet aan je gasten te presenteren.

De Britse Niki Segnit begon met een lijst van 99 smaken op te stellen. Daaruit vormde ze groepen van 3-10 verwante smaken, benoemd naar een gemeenschappelijke factor: vlees, aarde, zwavel, zee, bos enz. Bij elke groep eerst een opgave van de smaken. In Geroosterd b.v.: chocolade, koffie, pinda's. Elke smaak/ingredient wordt kort ingeleid, daarna volgen op alfabetische volgorde tientallen combinaties, steeds met een verklaring, vaak ook met een beknopt recept. Indien van toepassing wordt correct verwezen naar een andere groep. Er staan combinaties in die we allemaal kennen, zoals zalm+dille. Chocolade+aardbei. Pompoen+geitenkaas. Ei+spek. Maar wat te denken van: oester+mierikswortel. Of saffraan+amandel, te verwerken in een cake. Basilicum+kokos. En nog zo'n opmerkelijke: broccoli+citroen. Stuk voor stuk boeiende samenstelsels die me verlangend doen uitzien naar het bereiden ervan.

Tussen de beschrijvingen staan vaak bedrieglijk eenvoudige receptjes. Maar wel zodanig omschreven dat je niet kan wachten om ze te willen proeven. Kortom: de Smaakbijbel is een inspirerend en informatief boek dat, hoewel smaak natuurlijk een subjectief begrip blijft, toch een mooie leidraad vormt voor mijn toekomstige culi-experimenten. Rijden met die trein ....

N.B. Ik word niet gesponsord om dit artikel te publiceren. Bovendien heb ik geen enkele commerciële connectie met de uitgever van dit boek. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.


maandag 11 augustus 2014

Zomerkostelijkheid


In vakantietijd hoef ik niets ingewikkelds. Geen recept om uit te proberen. Geen pruttelende pannen op het vuur. Al mijn kookboeken staan bedremmeld naar me te loeren. Zijn ze afgedankt? Niet meer in tel? Ik aai ze eens liefdevol over hun ruggetjes en spreek ze geruststellend toe. Over een tijdje, jongens, dan zijn jullie weer aan de beurt. Nu even niet. ♪♪It's summertime, summertime, sum-sum summertime♪♪

In vakantietijd voed ik me met uitbundige zonnestralen en laaf ik me aan kabbelend zeewater. Veel meer heb ik dan niet nodig. Oké, het is slechts symbolisch bedoeld, want natuurlijk kan geen mens leven van lucht alleen, maar er valt zoveel moois te ontdekken als de zon schijnt en de dag zich 's morgens voor je voeten geheel en al blanco uitrolt, dat alle keukenperikelen toch vanzelf naar de achtergrond verschuiven.

Vakantie houden gaat toch ook vooral over lui durven zijn. Over doen waar je zin in hebt. Over zijwegen inslaan die je normaliter onopgemerkt laat. Alleen op die wijze kom je werkelijk tot rust. En op onverwacht leuke adresjes. Soms waan je je daarbij aan het eind van de wereld en vaak moet je twee keer met je ogen knipperen, maar geloof me, deze schilderachtige plekjes bestaan nog écht. De pluk- en theetuin in Looperskapelle is er zo een. Ze schenken er heerlijke thee met huisgemaakt gebak en voor een luttel bedrag mag je er een boeket bloemen plukken. In de weelderige tuin is het goed verpozen onder de schaduwrijke bomen.
Bij thuiskomst ploffen we neer voor ons dagelijkse glaasje geestrijk vocht, om daarna rozig te bekijken wat de koelkast te bieden heeft. Onze magen dienen gevuld te worden, zoveel is duidelijk, maar dat kan in vakantietijd op zoveel manieren. Een restje gekookte aardappelen, wat smeekt om rauwe venkel en fijngesneden ham. Een handvol cherrytomaatjes met basilicum, grof zeezout en maagdelijke olijfolie op getoast brood. Een blauwschimmelkaasje in blokjes door een snelle pastasalade. Een rijkelijk gevulde omelet met grof boerenbrood. Of, als de ledigheid in zijn volle omvang heeft toegeslagen, vinden we het ook prima genoegen te nemen met een schaaltje olijfjes, een hand zoute amandelen en wat flinters parmaham. Wilde perzik, mineola, mango en dauwverse frambozen als toetje. Dat soort dingen. Het leven (lees: Eetplezier) wordt er niet anders door. Wel gemakkelijker.


zondag 10 augustus 2014

Grasduinen op Schouwen-Duiveland

 
Het heeft iets magisch, rondcrossen door boswachterij Westerschouwen. Naast het heuvelachtige duinlandschap met uitgestrekte zandverstuivingen vind je er duinweiden, lieflijke doorkijkjes, feeërieke vennetjes en vogelrijke bosranden. Loof- en dennenhout wisselen elkaar in rap tempo af. Van de robuuste Corsicaanse den tot aan de fragiel wiegende lijsterbes, alles is aanwezig in dit prachtige natuurgebied dat lijkt te zijn weggeplukt uit een mythische fabel. Goed, je hebt gelijk, ik overdrijf. Dat is altijd zo met mensen die verliefd zijn. Vanaf de allereerste keer dat ik kennismaakte met deze 330 ha grote boswachterij heb ik mijn hart eraan verpand. Het ruisen van de branding (waar je ook bent, overal hoor je de nabijgelegen Noordzee), het getsjilp in de bomen, het geheimzinnige geritsel van sprinkhanen en krekels in de bermen, de stilte op de eindeloze zandvlakten, het  gaat me nimmer vervelen hier rond te dolen.
De hoofdingang is bij de excursieschuur aan de Kraaijensteinweg. Op deze zonnige, maar winderige dag kiezen Man en ik echter voor de ingang aan de A. van der Weijdeweg. Als we kort daarna het wildrooster oprijden, zien we de autochtone bewoners van dit natuurgebied al opdoemen. Het is een fikse menigte dit keer. Vanonder hun lange manen keuren ze ons geen blik waardig en scharrelen stoïcijns verder. Met de uiterlijke kenmerken van een ruige zeebonk: behaard, gespierd en met een redelijk verweerd voorkomen, voelen de ruim 90 Shetlandpony's zich volledig thuis in deze voor hen natuurlijke habitat. En het gekke is: ik ben niet eens bang voor deze beestjes, terwijl ik normaal gesproken al bij het minste geluid van trappelende paardenvoetjes zelf zo'n beetje op hol sla. Enfin, het zal de rustgevende entourage zijn. Hoewel ze zich heel fotogeniek weten te gedragen, is mijn fascinatie voor ze opnieuw vele malen groter dan de behoefte ze op de gevoelige plaat vast te leggen. Het is niet anders.

Halverwege onze tocht komen we via een fikse afdaling aan bij de zogeheten zeereep. Een duinenrij  die direct grenst aan het Noordzeestrand en vaak functioneert als zeewerend duin. Op deze imposante zandverstuiving is slechts flora te vinden die weinig eisen stelt, zoals het befaamde helmgras, St. Jacobskruiskruid, duindoorn en de blauwe zeedistel.
Boswachterij Westerschouwen is, met uitzondering van de aan de noordzijde gelegen Meeuwenduinen, grotendeels vrij toegankelijk. Te voet, per fiets of met een paard het gebied in, het is allemaal mogelijk. Er is een speciaal rondlopend tegelpad aangelegd waar rolstoelgebruikers gebruik van kunnen maken. Verder tref je er picknicktafels, fietsenstallingen, infopanelen, een schuilhut en twee uitzichttorens.

Genoemde Meeuwenduinen zijn vanwege de rust beperkt toegankelijk. Dus alleen op de gemarkeerde wandelroute en buiten het broedseizoen (15 maart tot 15 juli). Je kunt daar dan enkel wandelen onder leiding van een gids.

woensdag 6 augustus 2014

De Rode Draad

Het is vandaag rood, rood en nog meer rood. Al vroeg in de morgen staat er een alleraardigst koeriermeisje voor mijn deur. In haar hand een doosje gekoelde aardbeien. Sweet Eve, een nieuw ontwikkelde vrucht die zich moet onderscheiden van haar soortgenoten. Geteeld op smaak. Volzoet en aromatisch zijn ze, volgens de meegeleverde folder.

Nu ben ik geen professor in de Aardbeikunde. Gewoonlijk vertrouw ik simpelweg op mijn trouwe smaakpapilletjes. Ooit ben ik een loyaliteitsverdrag met deze bondgenoten aangegaan. Zolang zij geen juichende of uitbundige signalen in mijn mondholte afvuren, blijf ik wie ik ben. Een verdraaid kritische consument. En tot mijn spijt moet ik jullie vertellen dat de termen volzoet en aromatisch ook bij deze rooie nieuweling niet worden waargemaakt. Deceptie alom. Er blijken in deze moderne tijd geen aardbei meer geteeld te kunnen worden die dezelfde smaaksensatie teweeg brengt als die van pakweg 25 jaar geleden. Op ons postzegelformaat moestuintje van weleer, plukten we de heerlijkste vruchten, waaronder bessen, bramen en frambozen. En tevens waanzinnig smakelijke zomerkoninkjes. Corona heetten ze. Of Senga Sengana. Vol overgave lagen ze daar, op hun bedjes van stro, te soezen in de zon tot ze volgroeid genoeg waren om geplukt te worden. Dat deden we met zachte hand. Want o, wat waren ze fragiel en sappig deze beitjes. Met het verrukkelijke aroma van échte aardbeien.

Natuurlijk weet ik dat deze corona niet voldoet aan de huidige eisen van de producent. Ze zijn slechts beperkt houdbaar en dus niet rendabel. Tussen producent en consument ligt al snel een logistiek traject van drie à vier dagen. En tja, dan zijn die superzachte corona's natuurlijk allang tot moes verworden. Maar er is meer aan de hand. De meeste fruitsoorten hebben volle grond nodig. Waarom? Een goede bodemsamenstelling bevat mineralen die middels de sapstroom in het fruit terecht komen. Hierdoor krijgt elke vrucht "terroir", ofwel je proeft overduidelijk de bodem erin terug. Het is eigenlijk zo'n beetje hetzelfde als met bepaalde soorten wijn of kaas: je bent er een liefhebber van of niet. In ieder geval is het een onmiskenbaar onderdeel van de kwaliteIt.

Een tiental minuten internet-speurwerk leverde het volgende resultaat op. "De Sweet Eve aardbeien worden op een substraat in de buitenlucht geteeld. Hierdoor kunnen ze gedurende het Nederlandse seizoen langer en constanter worden aangeleverd dan de aardbeien van de volle grond."
Goed, ik weet voldoende. Het is het zoveelste product dat in de markt gezet wordt middels een grootscheepse marketingcampagne. Leuk bedacht, maar het heeft een verhullend effect op de uiteindelijke smaak. En die smaak ... was dat nu eigenlijk niet de essentie van het hele verhaal? Jezelf als producent onderscheiden doe je niet door een strakke promotie, een innovatieve verpakking of een leuk naampje. Hoe vaak moet het nog gezegd worden? Het is slechts de smáák die blijft hangen. Niet meer. Niet minder. Ho effe, *steekt beide handen in de lucht* don't shoot the messenger.

Gelukkig was er nog meer rood vandaag. Honingzoete, biologische cherrytomaatjes van kwekerij Zuidbos in Noordgouwe. Hoewel ik de truc van het drogen al een flink aantal keren had toegepast, moet ik toegeven dat het geheugen van een mens soms gelijk staat aan een emmer met een gat erin. Van boven komen er telkens nieuwe dingen bij en aan de onderkant loopt het er in een gestaag tempo weer uit. Dank dus aan Tessa van I am cooking with love voor de reminder. Dankzij haar heb ik opnieuw een fikse pot homemade gedroogde tomaatjes in mijn fridge.

  




vrijdag 1 augustus 2014

Pimm's cup cocktail


Alle mojito's, Hugo's of aperol spritz' ten spijt, de Pimm's cup heeft inmiddels ook een aardig vast plekje weten te veroveren op de drankenkaart in huize Eetplezier. Lekker rond een uur of vier op je eigen overdekte terras, wachtend op de eerste onweersbui.

Pimm’s nr 1 is in Nederland niet zo heel erg bekend. Het is afkomstig uit Engeland en in zijn pure vorm min of meer ondrinkbaar. Oké, met flink wat ijs wordt het al een ander verhaal, maar als cocktail wordt het pas echt leuk!
Pimm's smaakt alvast naar kinine en gember. En waarschijnlijk nog naar anderhalf dozijn andere "geheime" kruiden, waarvan ik de oorsprong niet kan ontdekken.

Een traditionele Pimm's cup wordt als volgt gemaakt: vul een grote, glazen kan met een handvol ijsblokjes. Daarin schenk je één deel Pimm’s en drie à vier delen koolzuurhoudende citroenlimonade. In Engelse recepten wordt ook wel melding gemaakt van ginger ale of 7Up. Ik geef de voorkeur aan Crystal Clear Citron. Doe nu de muntblaadjes in de kan, de citroen-, sinaasappel,- en komkommerschijfjes. Voor een extra feestelijk effect kun je nog gehalveerde aardbeien toevoegen.

Roer even flink, versier de rand met een schijfje fruit en ga op zoek naar je meest luie stoel. Maak het jezelf comfortabel zodat je, wanneer de slaap mocht toeslaan na enkele glaasjes, je niet wakker wordt met een geknakte nek of opgefrommeld bovenlijf. Pimm’s cocktail is verfrissend, kruidig en de ideale dorstlesser om deze tropische dagen te kunnen overleven. Priklimonade voor volwassenen. Maar door de aanwezige alcohol met een venijnige nagalm. U is gewaarschuwd!

Voor 5 à 6 glazen:

2 dl Pimm's
6 dl citroenlimonade of ginger ale
plakjes komkommer
halve sinaasappel, in plakjes
halve citroen, in plakjes
halve appel, in plakjes
klein bosje verse munt
evt wat verse aardbeien,

zondag 27 juli 2014

Over uilenzeik en bounty-eilanden

Van oververhitting is geen sprake in huize Eetplezier. Met gesloten luiken en een miniem activiteitenprogramma was het best te doen. Vanzelfsprekend leef ik mee met alle mensen die onder deze licht-tropische omstandigheden zwaar lichamelijk werk hebben te doen; alle andere personen met redelijk normale functies moeten niet zeuren. Blootshoofds, gezeten op een niet vooruit te branden kameel, in de eindeloze zandduinen van Timboektoe, dan heb je recht van spreken. Nu niet, geen flauwekul, het gras is nog groen, de bomen dragen nog bladeren en wij mensen zijn in het gelukkige bezit van airco's, ventilatoren, climat controls en meer van dat soort commerciële ongein. Kom daar maar eens om in de binnenlanden van Zimbabwe.

En hoe het met mijn daadwerkelijke eetplezier gesteld is? Ook niets te klagen. Geen boerenkool op het menu, dat moge duidelijk zijn, maar een fijne bak malse kropsla met gebakken aardappeltjes en een gekookt eitje gaat er altijd nog prima in. De riz nicoise  trouwens ook. En niet te vergeten de bij elk hitteplan onmisbare salade van watermeloen met feta. Oké, je moet een beetje durven afwijken van je conventionele eetpatroon, maar daarmee overleef je dan ook de meest pittige hitte-veldslag. Afgelopen donderdag, toen de thermometers weer redelijk normale waarden aangaven, aten we gewoon weer een lekker kerriesoepje en vrijdag babi ketjap met sambal boontjes. Je mag me er voor wakker maken.

Voldoende drinken is een heel ander verhaal. Dat doe ik niet. Ik drink wel. Een beetje. Het houdt op na een half glas. Water welteverstaan. Ik kan er maar niet aan wennen, zo'n slok die he-le-maal nergens naar smaakt, rustig van boven naar beneden laten glijden. Om over al die iso-, sport,- en energiedrankjes maar te zwijgen. Stuk voor stuk lijken ze op dubieuze mengsels tussen uilenzeik en heksenkots. Lamaar, ik drink mijn eigen theetje wel. 's Morgens, 's middags en tijdens het achtuurjournaal nog een kopje. Dat is het wel, veel te weinig dus. En dat is uitermate slecht voor de gezondheid, zeggen de jongens en meisjes van het RIVM. Dat is de organisatie die destijds zo'n prima oplossing bedacht hadden voor de Mexicaanse griep. Die ja. Ik geloof dat ik ze maar een beetje laat zwammen. Hoewel we er wel bedacht op dienen te zijn dat de on-Nederlandse hitte van de afgelopen week met name bij onze oudere en kwetsbare medemens een behoorlijke aanslag pleegt op hun algehele gesteldheid. Laten we daar met z'n allen vooral een beetje alert op zijn. Die eenzame buurvrouw woont vaak zó akelig dichtbij.

Gelukkig ligt Nederland op het noordelijk halfrond en is extreme warmte altijd maar van korte duur. Zodra Piet Paulusma over "hier en daar een buitje" begint, halen we opgelucht adem. Want daar zijn we met z'n allen toch het meest aan gewend geraakt: Hollandse wolkenluchten, een kletsnatte kruin als er een onverwachts wolkje over trekt en een gematigde temperatuur waarbij je ongestoord je ding kunt doen. Zo zijn wij. Want alleen op die manier kunnen we ten minste zonder scrupules blijven verlangen naar die geldverslindende vakantie op dat zinderende Bounty-eiland. Alwaar wij ons helemaal te pletter zweten, maar waarover wij bij thuiskomst geen onvertogen woord zullen laten vallen, als de achterblijvers bezorgd vragen hoe we het gehad hebben. Te warm? Hoe komen ze erbij? Dat is toch juist heerlijk?
 
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...