De Italiaanse keuken kenmerkt zich door eenvoud. Tot 1960 was Italië een arm en overwegend agrarisch land. De bevolking was gewend om alles wat “in het veld” verzameld kon worden, te gebruiken als ingrediënt voor de maaltijden. In tegenstelling tot Nederland, kennen de meeste mediterrane landen een enorme rijkdom aan wilde kruiden en planten. Kardoen, chicorei, rucola, bosaardbeitjes, kervel en zelfs groene asperges, het groeit zomaar in de bermen of met een beetje meer pech: op lastig te bereiken plekjes. En dan vergeet ik gemakshalve het meest kostbare culinaire juweel van Italië, de truffel.
Gelukkig blijkt de traditie van wild plukken de laatste jaren ook enigszins te zijn overgewaaid naar ons land. Dat is een goed teken. Teveel mensen zijn zo gehecht geraakt aan de overload aan voorverpakte, ingeblikte, diepgevroren, fijngemalen en opgeklopte producten uit onze levensmiddelenindustrie, dat ze simpelweg geen idee meer hebben waar de oorsprong van ons voedsel ligt of hoe het er in zijn originele vorm uit ziet. Hazelnoten bijvoorbeeld lijken totaal niet op een smeerbare pasta. Aardappelen bestaan niet uit een poederachtig mengsel in een pakje, waar je water door moet mengen om puree te krijgen. Pesto kent geen uitgebreid scala aan synthetische kunst- en hulpmiddelen, maar wordt simpelweg bereid door basilicum, pijnboompitten, knoflook en kaas fijn te wrijven samen met een goede olijfolie.
Genoeg gemoraalridderd. Terug naar Italië. De term cucina povera (vrij vertaald: armeluiskeuken) is sterk verwant aan de meeste Italiaanse gerechten. Ongetwijfeld zal het te maken hebben met bovengenoemde traditie. Minimale verspilling van voedsel en optimale benutting van ingrediënten. Yeah, duurzaamheid is het sleutelwoord! Driewerf hoera voor deze keuken!
Hoewel ik een fervent aanhanger ben van de Italiaanse keuken, was mijn kookstijl in den beginne heul erg Nederlands. Gehakt. Uien. Knof. Tomaten. Paprika. Pasta koken. Saus erover. Smak. Smak. Smikkel. Smikkel. Alles wat ik zelf bereidde smaakte als ware het een godenmaal. Dacht ik. Gelukkig dacht de Man met mij mee. Naarmate de jaren verstreken, kwam ik echter steeds dichterbij de essentie van het authentieke bordje pasta en werden de ingrediënten uitgebreid met zaken als paddenstoelen, schelpdieren, olijven en room.
Een authentiek bordje Italiaanse pasta behoeft geen ingewikkeldheden. Een kind doet de was. Er zijn slechts drie stelregels waar je je aan dient te onderwerpen.
1) kook pasta nooit te lang. Als je twijfelt aan de gaarheid, zet dan toch gerust het vuur uit;
2) gebruik nooit voorgeraspte kaas. Rasp de bijbehorende kaas liefst heel kort tevoren;
3) dien de pasta en saus nooit apart op. Voeg de pasta altijd op het laatst toe aan je gebakken of gekookte ingrediënten, zodat een filmende emulsie ontstaat en het geheel een huwelijkje aangaat.
Als er één boek is, waarin alles beschreven staat omtrent de Italiaanse deegwaren is het wel “de Zilveren Lepel Pasta”. Een klassieker. Dit boek kent inmiddels een derde druk. Alle mogelijke pastasoorten staan erin beschreven, met een onderverdeling in de droge soorten, zoals linguine (platte pasta), conchiglie (schelpjes), ditalini (zgn. vingerhoedjes), farfalle (strikjes) en fusilli (spoeltjes). Maar ook de verse pasta’s komen uitgebreid aan bod, evenals de gevulde soorten als cannelloni en ravioli.
Het moge intussen duidelijk zijn: in deze Zilveren Lepel Pasta kom je geen ingewikkelde, tijdrovende recepten tegen. In één gerecht worden er vaak niet meer dan 7 à 8 ingrediënten gebruikt. Een heerlijk boek voor de ware Italofiel, zoals ik. Elke streek in Italië kent zo zijn specifieke ingrediënten en sauzen. Dit boek is dan ook meer dan de moeite waard om álles uit te proberen.
Titel: De Zilveren Lepel Pasta
Uitgever: Van Dishoeck
ISBN: 9789000339808
Pagina's: 336
Prijs: € 19,99
Noot: Dit boek werd mij ter beschikking gesteld door uitgeverij Van Dishoeck. Dit feit is niet van invloed geweest op mijn oordeel. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.
Posts tonen met het label Kookboeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kookboeken. Alle posts tonen
dinsdag 23 september 2014
maandag 15 september 2014
Chicks Love Food - 5 or less kookboek
Jong. Pittig. Gepassioneerde foodlovers. Met een frisse kijk op onze dagelijkse voedselinname en een voorliefde om dit alles te delen. Ik heb het over Chicks Love Food. Achter deze ietwat frivole titel gaan twee hippe, kookgekke dames schuil. Nina de Bruijn en Elise Gruppen heten ze. Drie jaar geleden begonnen ze een blog. Niet moeilijk te raden waar dit enthousiaste tweetal over zou gaan schrijven: eten! De recepten volgden elkaar in hoog tempo op, evenals artikelen over foodfun, restaurantbezoeken, winacties en allerhande eetweetjes. Met inmiddels 130.000 bezoekers per maand is Chicks Love Food misschien wel het meest bezochte foodblog van dit moment.
Op zaterdag 13 september jl waren Nina en Elise aanwezig in mijn favoriete boekhandel de Drukkery te Middelburg om hun nieuwe boek "5 or less" te presenteren. Om ze meiden met een missie te noemen gaat misschien wat ver, maar duidelijk is wel dat deze dames hun lezers kennis willen laten maken met makkelijk uitvoerbare gerechten. Zonder ellenlange ingrediëntenlijsten. Daarvoor creëerden zij op hun blog de rubriek 5 or less. Koken hoeft niet ingewikkeld te zijn, menen ze. Met slechts vijf ingrediënten zijn vaak erg smakelijke maaltijden te maken.
Als vervolg op de rubriek nu dus het boek, wat er opvallend fris uit ziet, met een overvloed aan heerlijke recepten. De inhoud is niet overwegend vegetarisch of veganistisch maar omdat Nina geen vlees eet, staan er wel een fiks aantal vegetarische gerechten in. Als voorproefje hebben ze twee gerechtjes uit dit boek meegenomen. Op zilveren schalen staan bakjes couscoussalade en vierkantjes snickerstaart.
Ik vraag ze of er doelbewust naar dit boek is toegewerkt.
Elise: “Een beetje wel. Ik had al verschillende keren tegen Nina gezegd dat ik een boek over 5 or less wel zag zitten. Ik miste namelijk een boek als dit in de kookboekschappen. Destijds was ik zwanger, maar het plan was om na mijn bevalling contact te zoeken met diverse uitgeverijen. Zover hoefden we niet te gaan, want een week na mijn bevalling kwam er – out of the blue – een mailtje van Nieuw Amsterdam. Of het niet leuk zou zijn een boek op de markt te brengen met recepten uit onze 5 or less-rubriek.” Elise laat er een stralende lach op volgen en wijst op het stapeltje voor haar neus.
Op mijn vraag of het zgn superfood wellicht ook aan hen is besteed, antwoordt Nina:
“Toch wel. Wij zijn allebei dol op quinoa en ik gebruik ook regelmatig chiazaad in gerechten. Maar we gaan niet helemaal mee in de hype. Bovendien is het allemaal peperduur. Af en toe iets uitproberen, dat vinden we dan weer wel leuk. Boerenkool is ook een superfood bijvoorbeeld. Heel betaalbaar en goed te verkrijgen. Dan vinden we het interessant genoeg om erover te schrijven”.
Inspiratie om iedere dag over food te schrijven, vinden ze vooral bij elkaar. “Toen we als student samen kwamen te wonen, ontdekten we dat we allebei een passie hadden voor lekker eten. Als je dat eenmaal weet, versterk je elkaar daarin. Dat is zo gebleven, ook al hebben we inmiddels elk onze eigen woonruimte. Was het voorheen alleen nog hobbymatig, koken én het schrijven erover is nu echt een full-time job geworden".
5 or less is verkrijgbaar bij de boekhandel en op de site van Chicks Love Food.
Auteurs: Nina de Bruijn en Elise Gruppen
Titel: 5 or less
Uitgever: Nw Amsterdam
ISBN: 9789046817407
Pagina's: 144
Prijs: € 18,95
donderdag 8 mei 2014
Tarte Tatin - de beste recepten van de Franse patissier
Dat het échte handwerk, zoals kneden, rollen en vormen, niet aan mij besteed is, moge nagenoeg bekend zijn. Ik ben er te onhandig voor. Het gefriemel met deeglapjes, het opspuiten van decoratieve rozetjes of het keurig plaveien van glazuurlagen op wiebelige cakes, ik zou er acuut neurotisch van worden. Er springen veren in mijn hoofd als elementen onder mijn handen een weerbarstig eigen leven gaan leiden. Aangezien mijn eigen lieve pap opgeleid was tot kok/banketbakker, moet er wellicht ergens in het opvoedkundige traject iets fout gegaan zijn.
Veel mede-foodbloggers echter, zoals Caroline, Carola of Judith, hebben daar een totaal andere mening over. Voor hen is bakken de hoogste vorm van keukengenot. Vermoedelijk ontlenen zij er een zekere therapeutische werking aan. Ik herken het niet. Maar bekijk met ontzag de schitterende creaties die zij tevoorschijn toveren.
Aan de andere kant heb ik ook iets van een pitbull in me. Niet dat ik boosaardig word of zo; maar ik zet wel erg graag mijn tanden in iets. Alles wat ik dan nog nodig heb is gedegen informatie. Wijze lessen, uitgesproken door iemand met verstand van zaken. En laat ik dat nu, wat betreft mijn bakkunsten, terug vinden in het fantastische boek “Tarte Tatin”, een bakbijbel die door de Fransen al decennia lang veelvuldig wordt gebruikt.
De oorspronkelijke titel is “Je sais faire la Pâtisserie” uitgegeven in 1938 en geschreven door Ginette Mathiot. Zij wordt gezien als een autoriteit binnen de Franse keuken. Later is het boek in het Engels vertaald. Onder de titel “The Art of French Baking” werd het wereldberoemd. En nu – bijna 80 jaar later – is dit complete naslagwerk dus eindelijk in het Nederlands verschenen.
Het is met recht een klassieker die op geen enkel kookshelfie mag ontbreken, lekker knus naast namen als Escoffier en Larousse. Hier en daar zijn sommige recepten aangevuld of zijn er kleine wijzigingen in aangebracht, daar waar de moderne tijd dit vereiste. Bijv. anno 2014 heeft men de wetenschap dat bakpoeder beter rijst als het vooraf met de bloem wordt gecombineerd.
Het voorwoord is van Robèrt van Beckhoven, niet de minste in brood- en banketbakkersland. Naast Rudolph van Veen is hij één van de twee Meester Patissiers die ons kleine landje rijk is.
In een volgend hoofdstuk worden alle soorten glazuur, vullingen, sauzen en siropen behandeld.
Praktisch is ook dat dit boek is onderverdeeld in categorieën, dat vergemakkelijkt het zoeken. Zo zijn er achtereenvolgens te vinden: Gebakjes, Cakes, Soesjes en taartjes, Koekjes, Pudding en Desserts. Veel klassiek Frans pâtisserie zie ik voorbij trekken: baba au rhum, madeleines, éclairs, ananasflan, cafoutis etc. Al bladerend moet ik dan ook heel wat speeksel wegslikken *slik*
Belangrijk bij een vertaalde versie is echter wel of de receptuur juist is weergeven, c.q. vertaald. Daar valt op dit moment nog weinig over te zeggen, simpelweg omdat ik er nog te weinig recepten uit heb gemaakt. Hoe kom ik dat dan te weten? Simpel, door verschillende dingen uit te proberen. De komende weken zal ik een aantal recepten uit dit boek publiceren, te beginnen met Tuiles des noixettes. Houd wat dat betreft mijn blog de komende weken goed in de gaten
Slotsom: de zachte, witte kaft van Tarte Tatin is smaakvol door zijn eenvoud. Geen oogverblindende foto’s bij de recepten, maar het betreffende banket wordt overtuigend in beeld gebracht en in feite draait het daar om. Een minpuntje is wel dat er bij sommige ingrediënten (ei, zout, bakpoeder) gebruik wordt gemaakt van thee- of eetlepels en geen grammen worden genoemd. Iedereen weet dat overdadig gebruik van bakpoeder een onaangename smaak oplevert. En onze Nederlandse theelepel is nu eenmaal niet gelijk aan de Engelse of de Franse. Geen idee of in de oorspronkelijke versie ook gemeten werd en niet gewogen.
Ondanks dat is Tarte Tatin een schitterend boek met de meest smakelijke patisserie. Erg praktisch voor een beginneling zoals ik, hoewel ook de volleerde bakker hier beslist veel van zijn gading in zal vinden.
Noot: Dit boek werd mij ter beschikking gesteld door uitgeverij Unieboek/Het Spectrum. Dit feit is niet van invloed geweest op mijn oordeel. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.
Veel mede-foodbloggers echter, zoals Caroline, Carola of Judith, hebben daar een totaal andere mening over. Voor hen is bakken de hoogste vorm van keukengenot. Vermoedelijk ontlenen zij er een zekere therapeutische werking aan. Ik herken het niet. Maar bekijk met ontzag de schitterende creaties die zij tevoorschijn toveren.
Aan de andere kant heb ik ook iets van een pitbull in me. Niet dat ik boosaardig word of zo; maar ik zet wel erg graag mijn tanden in iets. Alles wat ik dan nog nodig heb is gedegen informatie. Wijze lessen, uitgesproken door iemand met verstand van zaken. En laat ik dat nu, wat betreft mijn bakkunsten, terug vinden in het fantastische boek “Tarte Tatin”, een bakbijbel die door de Fransen al decennia lang veelvuldig wordt gebruikt.
De oorspronkelijke titel is “Je sais faire la Pâtisserie” uitgegeven in 1938 en geschreven door Ginette Mathiot. Zij wordt gezien als een autoriteit binnen de Franse keuken. Later is het boek in het Engels vertaald. Onder de titel “The Art of French Baking” werd het wereldberoemd. En nu – bijna 80 jaar later – is dit complete naslagwerk dus eindelijk in het Nederlands verschenen.
Het is met recht een klassieker die op geen enkel kookshelfie mag ontbreken, lekker knus naast namen als Escoffier en Larousse. Hier en daar zijn sommige recepten aangevuld of zijn er kleine wijzigingen in aangebracht, daar waar de moderne tijd dit vereiste. Bijv. anno 2014 heeft men de wetenschap dat bakpoeder beter rijst als het vooraf met de bloem wordt gecombineerd.
Het voorwoord is van Robèrt van Beckhoven, niet de minste in brood- en banketbakkersland. Naast Rudolph van Veen is hij één van de twee Meester Patissiers die ons kleine landje rijk is.
Als ik het boek doorblader, ziet het er allemaal o, zo simpel uit. Wat lepeltjes bloem, een klontje boter, geklutst eitje erbij, even mengen en hop: de oven in. Piece of cake.
Wat heb ik toch al die jaren zitten tuttebellen; ik had gewoon betere boeken moeten kopen met authentiekere recepten. De waarheid is (volgens Ginette Mathiot) dat zelfs het meest complexe gebak de som is van verschillende basistechnieken. De kunst is slechts alle elementaire onderdelen tot één smakelijk geheel te vormen. Kijk, dat klinkt als redelijk te behappen voor me. Eén en één is twee. Genoemde technieken worden tot in detail toegelicht in dit boek, inclusief wat er allemaal fout kan gaan. Handig voor bakklunsen als ik!
Daarna volgen de basisrecepten: pâte sucrée (suikerdeeg), pâte brisée (briseedeeg),
pâte sablée (zanddeeg), pâte feuilletée (bladerdeeg) en pâte à choux (kook- of soesjesdeeg). In een volgend hoofdstuk worden alle soorten glazuur, vullingen, sauzen en siropen behandeld.
Praktisch is ook dat dit boek is onderverdeeld in categorieën, dat vergemakkelijkt het zoeken. Zo zijn er achtereenvolgens te vinden: Gebakjes, Cakes, Soesjes en taartjes, Koekjes, Pudding en Desserts. Veel klassiek Frans pâtisserie zie ik voorbij trekken: baba au rhum, madeleines, éclairs, ananasflan, cafoutis etc. Al bladerend moet ik dan ook heel wat speeksel wegslikken *slik*
Belangrijk bij een vertaalde versie is echter wel of de receptuur juist is weergeven, c.q. vertaald. Daar valt op dit moment nog weinig over te zeggen, simpelweg omdat ik er nog te weinig recepten uit heb gemaakt. Hoe kom ik dat dan te weten? Simpel, door verschillende dingen uit te proberen. De komende weken zal ik een aantal recepten uit dit boek publiceren, te beginnen met Tuiles des noixettes. Houd wat dat betreft mijn blog de komende weken goed in de gaten
Slotsom: de zachte, witte kaft van Tarte Tatin is smaakvol door zijn eenvoud. Geen oogverblindende foto’s bij de recepten, maar het betreffende banket wordt overtuigend in beeld gebracht en in feite draait het daar om. Een minpuntje is wel dat er bij sommige ingrediënten (ei, zout, bakpoeder) gebruik wordt gemaakt van thee- of eetlepels en geen grammen worden genoemd. Iedereen weet dat overdadig gebruik van bakpoeder een onaangename smaak oplevert. En onze Nederlandse theelepel is nu eenmaal niet gelijk aan de Engelse of de Franse. Geen idee of in de oorspronkelijke versie ook gemeten werd en niet gewogen.
Ondanks dat is Tarte Tatin een schitterend boek met de meest smakelijke patisserie. Erg praktisch voor een beginneling zoals ik, hoewel ook de volleerde bakker hier beslist veel van zijn gading in zal vinden.
Noot: Dit boek werd mij ter beschikking gesteld door uitgeverij Unieboek/Het Spectrum. Dit feit is niet van invloed geweest op mijn oordeel. Ik schrijf slechts over zaken die mij persoonlijk in beroering brengen.
woensdag 30 oktober 2013
Uitgekookt - Annemieke Smit
Er wordt heel wat afgetobd in het merendeel der Nederlandse keukens. Ook in huize Eetplezier gaat het geregeld gierend mis. Waarna een mens vertwijfeld blijft zitten met een stroom aan vragen. Waarom ging het mis? Wat deed ik verkeerd? Waren de hoeveelheden te veel, te koud, te warm, niet goed gemengd?
Frietjes die niet krokant genoeg worden. Mayonaise die schift. Soufflés die zich zielloos ter aarde storten. Biefstuk die niet bruin wordt. Ongetwijfeld zal jij daar nog een scala aan mislukkingen aan toe kunnen voegen.
Annemieke Smit (1957, wetenschapsjournalist) verdiepte zich in de scheikundige- en biologische processen die tijdens het koken en bakken plaatsvinden, waardoor ze meer inzicht kreeg in het hoe en waarom van mislukte gerechten. In haar boek Uitgekookt beschrijft zij in korte, hapklare verhaaltjes over deze processen. Met een fikse dosis humor en fantasie, maar ook met kritische kanttekeningen, legt ze uit wat er zich allemaal afspeelt in een biefstukje wanneer het in de hete boter gelegd wordt.
Op het moment dat we voedsel gaan bereiden, gebeurt er van alles met de structuren op moleculair niveau. Uitgelegd wordt waarom je nooit teveel vlees tegelijk in een pan moet bakken. Dat er na een stooftijd van 15 minuten nog steeds 40% alcohol aanwezig is van de royale scheut wijn die je aan het gerecht toevoegde. Waar verse zalm zijn roze kleur aan ontleent. Dat bouillon klaren (helder krijgen) het beste gaat met eiwit.
En wisten jullie dat er een eierdoor-kleurenwaaier bestaat? Waarmee bekeken kan worden hoe men door middel van kunstmatige pigmenten een dooier bij kan kleuren naar de voorkeur van de consument. Er is niks mis met die pigmenten. Ze zijn officieel toegestaan, je wordt er niet ziek van, maar gek is het wel natuurlijk.
De doorgewinterde amateurkoks weten het natuurlijk allemaal al jaren: dat je de fluweligste puree krijgt door een knijper te gebruiken. En dat je de meeste sauzen kunt binden door een koude vloeistof te combineren met een warme roux of juist andersom: een warme vloeistof met een koude roux. Dat risotto ook heel aardig lukt als je de helft van de bouillon er in één keer in kiepert (à la Blumenthal).
Maar voor al die andere keukenprinsen en - prinsessen, die zich met veel genoegen in het weekend achter het fornuis scharen, alleen weinig theoretische kennis hebben, is dit een heel aardig boek.
De illustraties zijn een tikkeltje kinderachtig, de foto’s niet van uitzonderlijk hoge kwaliteit, maar de verhaaltjes zijn prettig leesbaar en zonder al te veel moeilijk taalgebruik. Kortom: een fijn presentje voor de komende feestdagen!
Annemieke heeft ook een blog waar nog veel meer culinaire zaken op te vinden zijn. Zie http://100gradenenmeer.nl/
donderdag 24 januari 2013
De beste recepten uit de hele wereld - Julie Andrieu
Nu de zorgen rond ons Mam enigszins geluwd zijn, durf ik weer ontspannen adem te halen en zo rond vijven vrijuit te genieten van een lekker glaasje. Heerlijk om dan door mijn laatst gekochte kookboek te bladeren: de beste recepten van de hele wereld. Ik had het, vanwege alle drukte, nog niet door kunnen kijken. Het is echt een fascinerend kook-, lees-, en snuffelboek. Mooie plaatjes en recepten van all over the world. Van Japan tot Noorwegen; van Engeland tot Oostenrijk. Verwacht geen culinair trapezewerk in dit boek, maar wel veel inspiratie om gerechten te maken waar je al vaak over gehoord had, maar nog nooit zelf aan begonnen was.
Wat zich nu al in mijn hoofd heeft weten te nestelen, zijn onder meer:
Stoofpotje van Vitello
Pasta met noten, wodka en gorgonzola
Tom Yam soep
Ananas Tropical
Boxty pancakes
zondag 26 augustus 2012
Sauzen - Michel Roux
Michel Roux jr. (jeweetwel, die van BBC Masterchef) heeft een vader. Met de naam Albert Roux. Die had op zijn beurt weer een broer, genaamd Michel Roux, voor ons gemak wordt die aangeduid met senior. De oudere Michel dus.
Michel sr. en Albert, beiden geboren in Frankrijk, hebben in Groot-Brittannië en ver daarbuiten een soort gastronomische royalty-status behaald. In 1982 kreeg hun restaurant Le Gavroche als eerste in Engeland drie Michelin sterren toebedeeld. Zij serveerden klassieke Franse gerechten, zoals Soufflé Suissesse, een kaassoufflé met double cream (zie het filmpje op de site).
Toen Albert in 1993 met pensioen ging, nam Michel Roux jr het stokje van zijn vader over. Tot op heden is hij Chef de cuisine van Le Gavroche, nog steeds twee Michelin-sterren waardig.
Zelf is de Franse keuken mij ook met de paplepel ingegoten. Blanquette de veau, bisque d’homard, pêche Melba: termen die me stuk voor stuk bekend in de oren klinken, omdat het thuis gegeten werd.
Ik schreef er al eerder over: papa was opgeleid tot kok/banketbakker en hoewel hij op latere leeftijd de trein verkoos boven de kachel, is hij natuurlijk wel altijd zijn culinaire kunsten blijven vertonen.
Ik heb dus wat met die Franse keuken. Een trouw volgeling van Escoffier zou je kunnen zeggen, behalve dan dat er in huize Eetplezier zelden/niet/nooit op zijn manier gekookt wordt. Lichtvoetiger, fushion, zonder vlees is meer de trend hier.
Op sommige tijden kan ik echter een ongelooflijke trek krijgen in een medium gebakken tournedootje (zegt Van Dale) tournedostje (zegt het Groene Boekje) met een romige béarnaisesaus. Of in roomboter gebakken tongetjes met een zurige beurre blanc *slik*. Hoewel ik een heel behoorlijke veloutésaus weet te maken, mis ik nog heel veel kennis op het gebied van deze vloeibare smaakmakers.
Want sauzen maken is een kunst. En Michel Roux sr wordt wereldwijd gezien als meester op het gebied van sauzen en heeft er een schitterend boek over geschreven. In 2008 uitgegeven in Engeland en in 2012 eindelijk in het Nederlands vertaald. Klassiekers krijgen een moderne twist. Licht en verfijnd, simpel en complex, zoet en hartig, met meer dan 200 recepten voor saus is dit hét boek dat bij iedere amateurkok zeker niet mag ontbreken op de boekenplank.
Ik voorzie dat ik uit dit boek heel veel ga leren. Van het maken van salsa’s tot vinaigrettes en van coulis tot sabayons. Nu alleen nog even mijn angst voor het verwerken/eten van rauwe eieren zien weg te werken, maar ook daarvoor gloort er hoop aan de horizon, nl de gepasteuriseerde ei-producten verkrijgbaar bij de groothandel.
Als ik mij dan na verloop van tijd alle vaardigheden van het kloppen en mengen eigen heb gemaakt, kan ik *tromgeroffel* mijn gasten een perfecte crème anglaise voorzetten. Of een overheerlijke bordelaisesaus. En met gepaste trots zal ik dan naar boven roepen: kijk, papa: met losse handen!
Michel sr. en Albert, beiden geboren in Frankrijk, hebben in Groot-Brittannië en ver daarbuiten een soort gastronomische royalty-status behaald. In 1982 kreeg hun restaurant Le Gavroche als eerste in Engeland drie Michelin sterren toebedeeld. Zij serveerden klassieke Franse gerechten, zoals Soufflé Suissesse, een kaassoufflé met double cream (zie het filmpje op de site).
Toen Albert in 1993 met pensioen ging, nam Michel Roux jr het stokje van zijn vader over. Tot op heden is hij Chef de cuisine van Le Gavroche, nog steeds twee Michelin-sterren waardig.
Zelf is de Franse keuken mij ook met de paplepel ingegoten. Blanquette de veau, bisque d’homard, pêche Melba: termen die me stuk voor stuk bekend in de oren klinken, omdat het thuis gegeten werd.
Ik schreef er al eerder over: papa was opgeleid tot kok/banketbakker en hoewel hij op latere leeftijd de trein verkoos boven de kachel, is hij natuurlijk wel altijd zijn culinaire kunsten blijven vertonen.
Ik heb dus wat met die Franse keuken. Een trouw volgeling van Escoffier zou je kunnen zeggen, behalve dan dat er in huize Eetplezier zelden/niet/nooit op zijn manier gekookt wordt. Lichtvoetiger, fushion, zonder vlees is meer de trend hier.
Op sommige tijden kan ik echter een ongelooflijke trek krijgen in een medium gebakken tournedootje (zegt Van Dale) tournedostje (zegt het Groene Boekje) met een romige béarnaisesaus. Of in roomboter gebakken tongetjes met een zurige beurre blanc *slik*. Hoewel ik een heel behoorlijke veloutésaus weet te maken, mis ik nog heel veel kennis op het gebied van deze vloeibare smaakmakers.
Want sauzen maken is een kunst. En Michel Roux sr wordt wereldwijd gezien als meester op het gebied van sauzen en heeft er een schitterend boek over geschreven. In 2008 uitgegeven in Engeland en in 2012 eindelijk in het Nederlands vertaald. Klassiekers krijgen een moderne twist. Licht en verfijnd, simpel en complex, zoet en hartig, met meer dan 200 recepten voor saus is dit hét boek dat bij iedere amateurkok zeker niet mag ontbreken op de boekenplank.
Ik voorzie dat ik uit dit boek heel veel ga leren. Van het maken van salsa’s tot vinaigrettes en van coulis tot sabayons. Nu alleen nog even mijn angst voor het verwerken/eten van rauwe eieren zien weg te werken, maar ook daarvoor gloort er hoop aan de horizon, nl de gepasteuriseerde ei-producten verkrijgbaar bij de groothandel.
Als ik mij dan na verloop van tijd alle vaardigheden van het kloppen en mengen eigen heb gemaakt, kan ik *tromgeroffel* mijn gasten een perfecte crème anglaise voorzetten. Of een overheerlijke bordelaisesaus. En met gepaste trots zal ik dan naar boven roepen: kijk, papa: met losse handen!
dinsdag 21 augustus 2012
Feest
Als fervent wijnliefhebber laat ik elk jaar mijn klantenkaart bij Gall & Gall verlengen (kosten: € 10,00). Hiermee ontvang ik 10% korting op alle wijninkopen. Toch mooi meegenomen. Die tien euro heb ik er al snel uit, meestal na zo'n vijftal bezoekjes.
Op dit moment (augustus 2012) een leuke actie: bij aanschaf van een nieuwe kaart ontvang je gratis het wijn-spijs receptenboek Feest. Hierin o.a. ricottataartjes met rauwe ham, gerookte eendenborst met vijg en citrusdressing, falafel met harissa en ingemaakte citroen en tropische minitrifle.
Al deze gerechtjes worden vergezeld van drie praktische wijdaviezen: altijd goed, klassiek en avontuurlijk.
Leuk? Ja, leuk. En lekker.
Op dit moment (augustus 2012) een leuke actie: bij aanschaf van een nieuwe kaart ontvang je gratis het wijn-spijs receptenboek Feest. Hierin o.a. ricottataartjes met rauwe ham, gerookte eendenborst met vijg en citrusdressing, falafel met harissa en ingemaakte citroen en tropische minitrifle.
Al deze gerechtjes worden vergezeld van drie praktische wijdaviezen: altijd goed, klassiek en avontuurlijk.
Leuk? Ja, leuk. En lekker.
dinsdag 24 april 2012
Boeuf Bourguignon
Voor het hoofdgerecht had ik de dag ervoor alle tijd genomen. Speciaal voor dit gerecht komt hiervoor mijn alleroudste kookboek uit de kast, t.w. De regionale keuken van Frankrijk, een boek van authentieke Franse recepten. Er zit zo’n rood-satijnen lintje in dit schitterende boek en dat bevind zich standaard bij deze veelvuldig gemaakte Boeuf Bourguignon. Het lijkt een ingewikkeld recept, maar als je de tijd ervoor om het goed door te lezen, valt het alles mee. Jammer dat het me helaas niet helemaal duidelijk is waarom er een jonge bourgogne in wordt geadviseerd. Ik kies er altijd een oudere bourgogne of een Côtes du Rhône voor, omdat het de smaak verdiept.
Er zijn maar weinig gerechten zo bekend en tegelijk vaak zo slecht gemaakt als boeuf bourguignon. Er is rundvlees van een ouder beest voor nodig (Bourgondiërs prefereren Charolais), met veel bindweefsel dat gedurende de bereiding oplost en zorgt voor een volle saus. Aan te bevelen zijn doorregen runderlappen of sukadelappen. Een pittige rode wijn, zoals beaujolais of een jonge bourgogne geeft het gerecht pit. Boeuf bourguignon moet beslist langzaam bereid worden, altijd op een laag pitje, zo nodig 3 à 4 uur. Het vlees moet gaar zijn, maar niet uit elkaar vallen. Vroeger werd het vlees vaak aan één stuk bereid en niet, zoals nu, in stukken gesneden. Vaak worden de croûtes weggelaten (doe ik ook) en wordt het vlees opgediend met gekookte aardappelen (bij mij een aardappelgratin). De smaken van dit gerecht komen nog meer tot hun recht als het ten minste een dag van tevoren (leve het stressvrije leven) wordt gemaakt.
Voor 4 personen
750 – 1 kg rundvlees, in grote dobbelstenen (ik gebruikte riblappen)
0,6 dl olie
1,25 dl rode wijn, bij voorkeur bourgogne
25 gr bloem
2,5 dl bouillon
zout en peper
mespuntje suiker (niet noodzakelijk)
4 croûtes, gebakken in een olie-botermengsel (ook niet noodzakelijk)
1 eetl gehakte peterselie
voor de marinade:
7,5 dl rode wijn, bij voorkeur bourgogne
1 ui, in ringen gesneden
1. wortel, in schijfjes gesneden
bouquet garno
1 teentje knoflook, fijngehakte
6 zwarte peperkorrels
2 kruidnagels
mespuntje zout
2 eet olie
voor het garnituur:
250 gr ontbijtspek, in reepjes gesneden
16 à 20 kleine uitjes (ik gebruikte sjalotjes)
250 gr champignons
Bereidingswijze
Het is niet noodzakelijk het vlees te marineren, maar toch hebt u de ingrediënten voor de marinade nodig.
Doe het vlees, als u het wel wilt marineren, in een schaal (niet van aluminium), giet de wijn erover en voeg de marinade-ingrediënten toe, waarbij u de olie als laatste over het vlees giet.
Laat het geheel een dag op kamertemperatuur staan, waarbij u het 3 of 4 keer omroert en zet het 2 dagen in de koelkast.
Laat het vlees uitlekken en bewaar de marinade; bewaar de ui en wortel apart.
Maak de stukken vlees zorgvuldig droog met keukenpapier.
Blancheer het ontbijtspek als het erg zout is.
Verhit in een koekenpan met dikke bodem de helft van de olie en laat de stukken vlees aan alle kanten bruin worden.
Leg ze terzijde en doe hetzelfde met het garnituur: doe de spekjes in de koekenpan en bak ze op een tamelijk hoog vuur bruin, maar niet knapperig.
Neem het ontbijtspek eruit, doe de uitjes erin en laat deze ook bruin worden.
Haal dan de uitjes uit de pan, doe de champignons erin en bak lichtbruin.
Leg de ingrediënten voor het garnituur terzijde.
Giet het overtollige vet uit de pan en voeg de wijn toe.
Breng deze aan de kook en roer de aanbaksels in de pan los zodat ze in de wijn oplossen.
Verhit de rest van de olie in een braadpan met dikke bodem, doe de apart gelegde ui en wortel uit de marinade erin en bak ze onder af en toe roeren langzaam gaar maar niet bruin.
Voeg de bloem toe en bak dit mengsel al roerend mooi bruin, maar pas op dat het niet verbrandt!
Roer de rest van de marinade-ingrediënten, de wijn uit de koekenpan, de bouillon en peper en zout erdoor.
Doe het vlees terug in de pan en breng alles aan de kook.
Leg een goed sluitend deksel op de pan en laat het geheel op het fornuis of in een matig-hete oven (150°) 3 à 4 uur zachtjes sudderen. Roer af en toe.
Leg het vlees, als het gaar is, in een andere braadpan, zeef de saus en giet hem over het vlees.
Roer het garnituur van ontbijtspek, ui en champignons erdoor en laat alles nog zachtjes 15 minuten sudderen, totdat de uitjes gaar zijn en de smaken zich goed vermengd hebben.
Proef de saus en breng hem op smaak; voeg eventueel een mespuntje suiker toe, als tegenwicht voor het zuur van de wijn.
Serveer het gerecht in een ondiepe schaal met eventueel de croûtes langs de rand.
Bestrooi het vlees met de gehakte peterselie.
Bron: De Regionale keuken van Frankrijk – Anne Willan
zaterdag 31 maart 2012
Kookkaravaan - Smaakroute door Marokko
Buuf kwam gezellig een wijntje drinken. Zij is een rasechte vegetariër, en ik luister graag naar haar “gezonde eten-en-drinken-visie”. Zij inspireert me om eens verder te kijken op de schappen in de natuurvoedingswinkel, verder dan mijn gewoontegetrouwe groenten, eieren en volkorenmeel. Ik vertel haar over de vegetarische gerechten van Ottolenghi en buuf doet melding van haar nieuwste kookboek met veel Marokkaanse recepten. De Kookkaravaan, vraag ik veel te gretig, er prat op gaand elk nieuw verschenen kookboek te (her)kennen. De alcohol had buuf’s geheugen vertroebeld. Ze wist het niet meer. Iets met een oubollige tekening op de voorkant. Er ontstond een stoutmoedig plan in mijn hoofd. Schijnbaar nonchalant overhandig ik haar mijn Plenty van Ottolenghi.
En mijn Plan werkt! Vanavond stond Buuf aan de deur. Met een boek onder haar arm. Yes! Ik wist ‘t, het is de Kookkaravaan, winnaar kookboek van het jaar 2011. Het is een heerlijk leesboek, vol kleurrijke foto’s en interessante wetenswaardigheden over het Arabische, Afrikaanse én Berber Marokko en haar inwoners. Er wordt met verve verteld over eeuwenoude kasba’s, oriëntaalse soeks en sprookjesachtige valleien vol met dadels, palmen en citrusvruchten. Veel aandacht ook voor bepaalde rituelen, zoals het drinken van thee.
Als kookboek vind ik het enigszins tegenvallen. Natuurlijk staan er gerechten in uit de tajine met veel kip- en lamsvlees, maar de recepten zijn niet van een dusdanige overvloed dat ik genoeg te kiezen heb. Voor mij, als flexitariër, slechts één bruikbaar tajinegerecht. Wat er wel in de smaak valt is de traditionele harira en de zeebaars met chermoula uit de oven. De ingrediëntenlijst van de courgette-wortelsoep bevat echter een bouillonblokje! Daarmee overtuig je mij niet dat in dit boek louter authentieke recepten staan, echt niet.
Het is vooral een móói boek, deze Kookkaravaan. Tommy Wieringa’s recensie op de achterflap sluit naadloos aan op mijn eigen visie: “een reisboek dat ook geur en smaak overbrengt, een feest voor de zintuigen”.
Na het lezen van de Kookkaravaan is je interesse in de Marokkaanse keuken definitief gewekt en wil je liefst met eigen ogen gaan aanschouwen uit welke sprankelende cultuur die gerechten voortkomen. Wat mij betreft zit zo’n reisje er dit jaar niet in. Ik zal moeten wachten. Om dan maar in sfeer te eindigen met een Marokkaans gezegde: voor de poort van het geduld heerst geen drukte.
dinsdag 27 maart 2012
Comfort Food - Janneke Vreugdenhil
Durf ik haar de Nederlandse Nigella te noemen? Ja, dat durf ik. Het overgrote deel van de recepten in Comfort Food van Janneke Vreugdenhil laat zich het best bestempelen als warm, voedzaam, troostend. En ja, eten dat je stiekem midden in de nacht, behaaglijk gehuld in je warme ochtendjas, met ladingen tegelijk naar binnen zou willen werken. Alleen. Met niemand erbij die óók een restje wil. Schaamteloos alles opeten, tot de laatste kruimel. De associatie met Nigella is dan snel gelegd.
Janneke zelf omschrijft het als volgt. De soep met balletjes van oma, de appeltaart van je moeder, jouw eigen favoriete chocolademousse, hoe vaker je ze eet, hoe dierbaarder ze worden.
Daarmee appelleert ze aan vervlogen jaren, aan een gelukkige jeugd, veelvuldig doorgebracht aan de keukentafel, die altijd gedekt was met een rood-wit geblokt tafelkleed, waarop geruststellende hoeveelheden voedsel te vinden waren. Nostalgische herinneringen bij de geur van versgetrokken kippensoep; het aflikken van je vingers na het pellen van garnalen, enfin, ik hoef ze niet allemaal te noemen. Iedereen heeft zo zijn eigen geuren en beelden opgeslagen.Comfort Food is ingedeeld in verschillende hoofdstukken. Slow Start is een verzameling zacht-smeltende ontbijtgerechtjes. Eggs Benedict … wie lust ze niet als starter van een mooie dag? Chocoholica bevat héél véél chocoladesnoeperijen. In Soeptherapie een aantal opbeurende soepjes, waaronder de Joodse penicilline die ik nu al als nr. 1 op mijn to-do-lijst heb staan.
Dan is er ook nog een hoofdstuk gewijd aan Ovenwarmte. Daarin een Good Old Fish Pie, de aloude gebraden kip met citroen en tijm en wildpeper met paddenstoelen en cacao.
Zoet. Troosteten. Toekomstgeluk. Allemaal schattige titels, waarbij ik sta te popelen om bladzijde na bladzijde om te slaan.
Helaas is niet elk gerecht van een foto voorzien, maar de foto’s die erin staan, zijn onweerstaanbaar! Dit boek bevat geen Haute Cuisine. Maar wel (h)eerlijke maaltijden, waarmee je je kind, je lief én uiteraard jezelf grandioos gaat verwennen.
zondag 30 oktober 2011
Bakken - James Peterson
Neuh, ik ben geen bak-ster. Kneden, rollen, vormen, het is niet aan mij besteed. Ik ben er ook beslist te onhandig voor. Ik heb helemaal niets met fröbelen of willekeurig elke andere vorm van handvaardigheidsvermaak dan ook. Er moet iets definitief fout gegaan zijn tijdens mijn opvoeding.
Het gefriemel met deeglapjes, het opspuiten van decoratieve rozetjes of het keurig plaveien van glazuurlagen op wiebelige cakes, ik zou er acuut neurotisch van kunnen worden. Het zit in mijn hoofd, ik weet het. Veel vriendinnen en mede-foodbloggers vinden bakken de hoogste vorm van keukengenot. Sterker nog: zij menen er een zekere therapeutische werking in te ontdekken. Ik herken het niet. Hoewel ik mezelf een grote mate van geduld heb weten aan te meten, springen er veren in mijn hoofd als dingen onder mijn handen een weerbarstig eigen leven gaan leiden.
Onder het motto “je bent nooit te oud om te leren” en “wat je niet kunt, moet je in ieder geval één keer geprobeerd hebben” gaf ik mezelf het leerzame boek Bakken van James Peterson kado.
Het boek bevat meer dan 1.500 stap-voor-stap foto's. Zij zorgen voor het aanschouwelijke element van dit handboek dat een driehonderdvijftigtal recepten en technieken onderverdeelt in vijf hoofdstukken: cakes en taarten; open taarten en gebak; koekjes; broden, snelle broden en brooddesserts; en custard, soufflés, vruchtencurd en mousses. Vooraan elk hoofdstuk geeft een register een overzicht van de basisbereidingen, de vullingen en de recepten die aan bod komen, en een apart register focust op de methoden en technieken.
Met zo’n boek moet het mij lukken om ooit nog eens een cake te bakken die én mooi gerezen én niet gescheurd is of misschien zelfs wel, bij wijze van hoge uitzondering, een luchtige cheesecake te maken, die niets van doen heeft met zijn baksteenachtige voorgangers. En wat te denken van een 3-laags bruidstaart, inclusief het bruidspaar van suikergoed? Of zo’n feestelijke croquembouche?
Ik overdrijf, ben ik bang. Misschien kan zelfs dit boek mij niet verder helpen in mijn hopeloze gebrek aan kneed- en vormvaardigheden en blijft de verwachte inspiratie totaal uit. Misschien blijft mijn vertrouwde oventje hoopvol naar me staan gluren of ik toch toevallig niet van plan ben van zijn diensten gebruik te gaan maken. Misschien koop ik kilo’s ingrediënten die vervolgens onverbiddelijk hun THT-datum zien overschrijden.
Ik weet het niet. Wat ik in ieder geval zeker weet is dat dit boek mij ontelbare uurtjes kijk- en leesplezier gaat bezorgen En och, zeg nou zelf: belangrijk is niet hoe De Mensch geniet, áls hij maar geniet.
Het gefriemel met deeglapjes, het opspuiten van decoratieve rozetjes of het keurig plaveien van glazuurlagen op wiebelige cakes, ik zou er acuut neurotisch van kunnen worden. Het zit in mijn hoofd, ik weet het. Veel vriendinnen en mede-foodbloggers vinden bakken de hoogste vorm van keukengenot. Sterker nog: zij menen er een zekere therapeutische werking in te ontdekken. Ik herken het niet. Hoewel ik mezelf een grote mate van geduld heb weten aan te meten, springen er veren in mijn hoofd als dingen onder mijn handen een weerbarstig eigen leven gaan leiden.
Onder het motto “je bent nooit te oud om te leren” en “wat je niet kunt, moet je in ieder geval één keer geprobeerd hebben” gaf ik mezelf het leerzame boek Bakken van James Peterson kado.
Het boek bevat meer dan 1.500 stap-voor-stap foto's. Zij zorgen voor het aanschouwelijke element van dit handboek dat een driehonderdvijftigtal recepten en technieken onderverdeelt in vijf hoofdstukken: cakes en taarten; open taarten en gebak; koekjes; broden, snelle broden en brooddesserts; en custard, soufflés, vruchtencurd en mousses. Vooraan elk hoofdstuk geeft een register een overzicht van de basisbereidingen, de vullingen en de recepten die aan bod komen, en een apart register focust op de methoden en technieken.
Met zo’n boek moet het mij lukken om ooit nog eens een cake te bakken die én mooi gerezen én niet gescheurd is of misschien zelfs wel, bij wijze van hoge uitzondering, een luchtige cheesecake te maken, die niets van doen heeft met zijn baksteenachtige voorgangers. En wat te denken van een 3-laags bruidstaart, inclusief het bruidspaar van suikergoed? Of zo’n feestelijke croquembouche?
Ik overdrijf, ben ik bang. Misschien kan zelfs dit boek mij niet verder helpen in mijn hopeloze gebrek aan kneed- en vormvaardigheden en blijft de verwachte inspiratie totaal uit. Misschien blijft mijn vertrouwde oventje hoopvol naar me staan gluren of ik toch toevallig niet van plan ben van zijn diensten gebruik te gaan maken. Misschien koop ik kilo’s ingrediënten die vervolgens onverbiddelijk hun THT-datum zien overschrijden.
Ik weet het niet. Wat ik in ieder geval zeker weet is dat dit boek mij ontelbare uurtjes kijk- en leesplezier gaat bezorgen En och, zeg nou zelf: belangrijk is niet hoe De Mensch geniet, áls hij maar geniet.
zaterdag 23 juli 2011
Plenty
Meteen bij de eerste blik op de goudkleurige letters op de maagdelijk witte kaft van “Plenty” wist ik dat ik verkocht was. Toen ik daarna ook nog ‘ns de naam Yotam Ottolenghi zag staan, tastte ik al voorzichtig naar mijn portemonnee. Wat een magnifiek boek is dit! Een vegetarisch kookboek zonder de geur van geitenwollen sokken, zonder de afschuwelijke vleesvervangers als tahoe en tofu, maar barstensvol recepten met groenten, granen en kaas. En dat allemaal te zien op werkelijk schitterende foto’s. In tegenstelling tot de meeste vegetarische kookboeken, die over het algemeen nogal saai zijn, heeft Ottolenghi een sjieke twist weten te geven aan zijn recepten. Hij weet het alledaagse minder alledaags te maken, dat is bijna kunst met een grote K.
Yotam Ottolenghi zit bepaald niet stil op culinair gebied. Zo heeft hij een restaurant en een aantal eetwinkels in Londen. Zijn originele gerechten met groenten en granen bleven niet onopgemerkt, waardoor hij door Guardian gevraagd werd om vegetarische columns te schrijven voor hun weekendbijlage. Plenty is deels een verzameling van deze gepubliceerde recepten, gecombineerd met nieuwe gerechten.

Door de vele, niet al te moeilijke gerechten is dit boek zeker een aanrader. Het is fijn om een boek in handen te hebben waarbij je niet om de vlees- en visgerechten heen hoeft te lezen en wat uitdaagt om verder te denken dan een quiche of salade. Daarbij is de kans bijzonder groot dat je na het lezen direct naar de markt wil gaan om vervolgens een heel weekend in de keuken door te brengen.
Yotam Ottolenghi zit bepaald niet stil op culinair gebied. Zo heeft hij een restaurant en een aantal eetwinkels in Londen. Zijn originele gerechten met groenten en granen bleven niet onopgemerkt, waardoor hij door Guardian gevraagd werd om vegetarische columns te schrijven voor hun weekendbijlage. Plenty is deels een verzameling van deze gepubliceerde recepten, gecombineerd met nieuwe gerechten.
Door de vele, niet al te moeilijke gerechten is dit boek zeker een aanrader. Het is fijn om een boek in handen te hebben waarbij je niet om de vlees- en visgerechten heen hoeft te lezen en wat uitdaagt om verder te denken dan een quiche of salade. Daarbij is de kans bijzonder groot dat je na het lezen direct naar de markt wil gaan om vervolgens een heel weekend in de keuken door te brengen.
zondag 26 juni 2011
Smakelijk - Nigel Slater
Een (kook)boek naar mijn hart!!! Geschreven door één van Engeland’s bekendste foodwriters. Slater probeert de lezer niet in een culinair keurslijf te drukken door middel van strakke recepten; hij probeert je het “gevoel” voor voeding bij te brengen, het fingerspitzengefühl, de passie, het Koken met een grote K.
Op het moment dat voedselbereiding een bezigheid wordt waarop de zweetdruppels op je voorhoofd verschijnen, ben je volgens hem totaal verkeerd bezig. Eten maken kan zó simpel zijn. Liever een kraakverse, prachtige moot zalm, slechts bestrooid met wat grof zeezout en dille, dan een stuk vis van inferieure kwaliteit bedekt met een complexe saus. Zeker als je voor gasten kookt moet je niet te veel pretenties willen hebben. Waar gaat het om: indruk maken of samen genieten van al het goede van Moeder Aarde? Wat is er mis met een dessert van schalen vol sappig rood zomerfruit, tezamen met lobbig geklopte room? Of een knisperend stuk varkensgebraad uit de oven, vergezeld van dikke tenen knoflook en aardappeltjes. En wat te denken van …… Sorry, ik word lyrisch van dergelijke boeken.
Slater is uniek in zijn soort. Een foodgoeroe. Hij is de nadrukkelijke mening toegedaan dan voeding vooral weldadig, kalmerend, verwarmend en troostrijk moet zijn.
Iedereen die, na het lezen van dit boek, nog steeds denkt dat je mager vlees moet kopen, heeft er helemaal niets van begrepen.
Op het moment dat voedselbereiding een bezigheid wordt waarop de zweetdruppels op je voorhoofd verschijnen, ben je volgens hem totaal verkeerd bezig. Eten maken kan zó simpel zijn. Liever een kraakverse, prachtige moot zalm, slechts bestrooid met wat grof zeezout en dille, dan een stuk vis van inferieure kwaliteit bedekt met een complexe saus. Zeker als je voor gasten kookt moet je niet te veel pretenties willen hebben. Waar gaat het om: indruk maken of samen genieten van al het goede van Moeder Aarde? Wat is er mis met een dessert van schalen vol sappig rood zomerfruit, tezamen met lobbig geklopte room? Of een knisperend stuk varkensgebraad uit de oven, vergezeld van dikke tenen knoflook en aardappeltjes. En wat te denken van …… Sorry, ik word lyrisch van dergelijke boeken.
Slater is uniek in zijn soort. Een foodgoeroe. Hij is de nadrukkelijke mening toegedaan dan voeding vooral weldadig, kalmerend, verwarmend en troostrijk moet zijn.
Iedereen die, na het lezen van dit boek, nog steeds denkt dat je mager vlees moet kopen, heeft er helemaal niets van begrepen.
Het spek van slager Blom - Diny Schouten
Dit boek is een verzameling artikelen die eerder gepubliceerd werden in de kookrubriek van Vrij Nederland. In elk artikel wordt uitgebreid ingegaan op de kwaliteit van een bepaald product. Aan de orde komen: konijn, rundvlees, boter, fruit, groenten, kaas, asperges, kreeft, mosselen, ijs etc..
Op welke adressen en bij welke leveranciers vinden we nog produkten die niet genetisch gemanipuleerd zijn; welke agrariër vrijwaart zich nog van hormonen en kunstmest, waar vinden we nog ons goudeerlijke dagelijkse brood zonder dat er broodverbetermiddelen aan te pas gekomen zijn.
Met dit boek wil de schrijfster ons, de consument, erop attent maken hoe ver wij met ons dagelijks voedsel verwijderd zijn van de oorsprong. Bijna alle voedingsmiddelen zijn bewerkt, geraffineerd, voorzien van geur-, kleur-, en hulpstoffen. Toch blijkt er een tendens te bestaan: het verlangen naar oude appelrassen zoals de Sterappel en de Schone van Boskoop, maar ook zaken als zuurdesembrood, malse botersla, pronkboontjes en rauwemelkse kaas neemt, (met name onder jonge restaurateurs) hand over hand toe.
De moeite en het geduld om een product van een dergelijke ouderwetse topkwaliteit te leveren is zeldzaam geworden. Er is gelukkig nog een kleine groep mensen met goudeerlijk vakmanschap in hun hart, die staan voor wat ze maken.
Het jammerlijke is dat zij het, voorzover het groenten en fruit betreft, op moeten nemen tegen de grote vervuiler: The Greenery. Werd er vroeger nog gewerkt volgens het principe van de klok (opbod en afslag), heden ten dage werkt The Greenery met contracten en vaste prijsafspraken. De teler mist nu de noodzaak en dus de motivering om een topprodukt te leveren. Jammer…..
Op welke adressen en bij welke leveranciers vinden we nog produkten die niet genetisch gemanipuleerd zijn; welke agrariër vrijwaart zich nog van hormonen en kunstmest, waar vinden we nog ons goudeerlijke dagelijkse brood zonder dat er broodverbetermiddelen aan te pas gekomen zijn.
Met dit boek wil de schrijfster ons, de consument, erop attent maken hoe ver wij met ons dagelijks voedsel verwijderd zijn van de oorsprong. Bijna alle voedingsmiddelen zijn bewerkt, geraffineerd, voorzien van geur-, kleur-, en hulpstoffen. Toch blijkt er een tendens te bestaan: het verlangen naar oude appelrassen zoals de Sterappel en de Schone van Boskoop, maar ook zaken als zuurdesembrood, malse botersla, pronkboontjes en rauwemelkse kaas neemt, (met name onder jonge restaurateurs) hand over hand toe.
De moeite en het geduld om een product van een dergelijke ouderwetse topkwaliteit te leveren is zeldzaam geworden. Er is gelukkig nog een kleine groep mensen met goudeerlijk vakmanschap in hun hart, die staan voor wat ze maken.
Het jammerlijke is dat zij het, voorzover het groenten en fruit betreft, op moeten nemen tegen de grote vervuiler: The Greenery. Werd er vroeger nog gewerkt volgens het principe van de klok (opbod en afslag), heden ten dage werkt The Greenery met contracten en vaste prijsafspraken. De teler mist nu de noodzaak en dus de motivering om een topprodukt te leveren. Jammer…..
Een zomer lang - Nigella Lawson
Nigella Lawson was enkele jaren geleden “hot” in Engeland. Momenteel is ze uitgegroeid tot een bekende tv-persoonlijkheid en schrijfster. Ze schrijft columns in o.a. Sunday Times en Observer en uiteraard heuse kookboeken. Voor altijd zomer is haar derde boek.
Nigella Lawson heeft een manier van koken ontwikkeld die gebaseerd is op eenvoud en versheid met een hoge smaakintensiteit. De meeste recepten zijn voorzien van ongelooflijk eetlust-opwekkende foto’s. Geen keurig gerangschikte schilderijtjes, maar no-nonsense plaatjes van gerechten zoals ik ze graag op mijn tafel zie. Mooie, kleurige schalen met zonnige salades, diepe borden met hete soepen, stijlvolle glazen met verfrissende toetjes.
Een opmerkelijk citaat qit haar boek: “Niets is de moeite van het maken waard als het op je zenuwen werkt. Alles is de moeite waard als het proces van het maken je voldoening geeft.”
Een greep uit haar recepten:
gekruide roze soep van bietjes
pappardelle met courgette, sultana’s en pijnboompitten
pasta met asperges, citroen, knoflook en peterselie
lamscrack met muntsalsa
banaan-butterscotchtaart
fruitsalade met gember en munt
chocolade-frambozenpavlova
Met een beetje moeite en veel liefde kun je met dit boek een zomer lang genieten.
Nigella Lawson heeft een manier van koken ontwikkeld die gebaseerd is op eenvoud en versheid met een hoge smaakintensiteit. De meeste recepten zijn voorzien van ongelooflijk eetlust-opwekkende foto’s. Geen keurig gerangschikte schilderijtjes, maar no-nonsense plaatjes van gerechten zoals ik ze graag op mijn tafel zie. Mooie, kleurige schalen met zonnige salades, diepe borden met hete soepen, stijlvolle glazen met verfrissende toetjes.
Een opmerkelijk citaat qit haar boek: “Niets is de moeite van het maken waard als het op je zenuwen werkt. Alles is de moeite waard als het proces van het maken je voldoening geeft.”
Een greep uit haar recepten:
gekruide roze soep van bietjes
pappardelle met courgette, sultana’s en pijnboompitten
pasta met asperges, citroen, knoflook en peterselie
lamscrack met muntsalsa
banaan-butterscotchtaart
fruitsalade met gember en munt
chocolade-frambozenpavlova
Met een beetje moeite en veel liefde kun je met dit boek een zomer lang genieten.
Abonneren op:
Posts (Atom)





