Ja, ja, ik had ’t ook niet van mezelf, mensen, ik heb het van Jamie Oliver, de kok met het hoge kwajongensgehalte. Nadat ik de eerste keer dit recept uitgeprobeerd had, proefde ik voor het eerst een uiensoep zoals ik die lang geleden, tot op het bot verkleumd op een stervenskoude winterdag, at in een oubollig, maar knus en warm restaurant in Middelburg. Mét het beroemde stokbrood-en-kaas-rondje erin. Natuurlijk is het anno 2011 not done en het is ook absoluut een jaren '70-sfeer, maar het is zó vreselijk lekker in je soepje, het smeltende brood en het zoutige van de kaas.
Als op een dag als vandaag de nevel zich behaagziek tegen je ramen aanvlijt, terwijl je je binnen warm en veilig waant en tevreden nog een bladzijde van je boek omslaat in de wetenschap dat er over een paar uurtjes zo’n heerlijke pan soep op je wacht, dan heb je toch lak aan al die weermannetjes met de door hen voorspelde horrorwinter?
Ingrediënten
1 kg uien in ringen
6 tenen knoflook, fijngehakt
eetl verse tijmblaadjes
1 laurierblad
1,3 ltr. bouillon
1 dl witte droge wijn (optioneel)
olie + boter
brood
geraspte gruyere of andere kaas
Werkwijze
Bak de uienringen met de tijm, knoflook en laurierblad in een flinke scheut olijfolie en een klont boter.
Leg een deksel op de pan en fruit ze (belachelijk) langzaam op laag vuur tot ze zacht en glazig zijn maar nog niet bruin.
Haal daarna het deksel eraf, zet het vuur hoog en bak de uien tot ze lichtbruin zijn.
Nu kun je desgewenst de witte wijn toevoegen en laten verdampen.
Giet de bouillon erbij en laat dit 20 minuten zacht doorkoken.
Breng op smaak met peper en zout.
Schep de soep in vuurvaste kommen, leg er het brood in met de geraspte kaas.
Zet daarna in een matig warme oven tot je een mooi gegratineerd laagje hebt.