Posts tonen met het label Mais. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mais. Alle posts tonen

donderdag 3 april 2014

Vega burger van kikkerwten, mais en paprika

Als het om dromen, idealen of verlangens gaat, heb ik een rijk arsenaal aan fantasiebeelden voorhanden. Als ik een vleesloze maaltijd moet verzinnen, blijkt de fantasiebron plotsklaps te zijn opgedroogd. Mr. Ottolenghi biedt vaak uitkomst. Of Janneke Vreugdenhil. En soms schakel ik domweg over naar de blik-op-oneindig-modus. Dan scharrel ik maar wat. Gooi wat zaken bij elkaar die van oudsher al een perfecte match hebben, voeg nog iets extra’s toe en hoppa: aan táááfel!

Dat we, na dergelijke losgeslagen experimenten, elkaar om negen uur met ingevallen rammelbekjes van de honger zitten te beloeren, moge duidelijk zijn. Sjonge, wat is op dergelijke momenten al vaak de koelkast geplunderd, zoekend naar de laatste restjes kaas. Boterhammen met dik pindakaas zijn dan plotseling ook erg favoriet! Herkennen jullie het? Gelukkig …..

Gisteren was dat allemaal niet aan de orde. Gisteren maakte ik een heuse vegetarische burger. Van kikkererwten. Met mais, ui, paprika en knof. Lekker op een broodje met rucola en flink veel homemade tzatziki. Waarna onze buikjes geheel en al gevuld waren. Dat hoort zo bij een burger. Kijk maar eens naar de zelfgenoegzame smoeltjes van een willekeurige  McDonaldganger! Enfin, ik kan je dit alternatief van harte aanbevelen. Met dank aan Gijs, chef bij brasserie de Drvkkery, die dit alles weer bij elkaar wist te verzinnen.

Ingrediënten (voor 4 burgers)
1 blik mais (310 gr)
1 blik kikkererwten (310 gr)
150 gr rode ui, fijngesneden
150 gr rode paprika, fijngesneden
2 tenen knoflook, fijngesneden en geplet
1 schep paneermeel of panko (het geheel moet niet te klef en niet te droog voelen)
1 tl zout
1 tl garam masala
½ tl gemalen komijn
½ tl chilipoeder
¼ bosje koriander, fijngehakt

Bereidingswijze:
De mais en kikkererwten in de blender malen of pureren. Maak het geheel niet al te fijn, er mogen best nog stukjes te zien zijn.
Fruit de knoflook, ui en paprika.
Meng dit, samen met de kruiden en het paneermeel of panko, door het kikkererwtenmengsel.
Vorm er vier platte burgers van. Dit gaat heel goed met behulp van een kookring, waarin je alles goed aandrukt.
Bak in olie op een zacht vuur tot beide zijden een mooi, knapperig korstje hebben.
Serveer op (al dan niet gegrild) brood met salade erbij.
Garneer met een flinke lepel tzatziki of een gebakken ei er bovenop.


maandag 24 oktober 2011

Herfstpannetje Bonne Femme

Dit gerecht hoort eigenlijk gecombineerd te worden met karbonades of kip. Dan heet het kip Bonne Femme of varkensvlees Bonne Femme. Met periodes ben ik echter een fanatiek vleesverlater. Zeker als ik weer eens met mijn neus op de beroerde leefomstandigheden van onze kippen, varkens en runderen ben gedrukt. Dierenwelzijn is in Nederland een item waar we liever niet aan denken.

Bonne Femme dus. Zonder grote brokken vlees. Gemakshalve noem ik het nu maar herfstpannetje. Klinkt best smakelijk, vind ik. En dat was het ook. Om het nog enigszins de schijn van vlees mee geven, is er een ons ontbijtspek in verwerkt. Ja, hyprocriet, ik weet ‘t, maar ik ben ook maar een Gewoon Mensch. Auw, niet slaan, alsjeblieft!
Als je het combineert met een frisse salade heb je een heerlijk gerecht om na een gezonde dosis buitenlucht, hongerige magen mee te vullen en daarna moe en voldaan op de bank te ploffen.

Ingrdiënten
1 ons (ongerookt) ontbijtspek in reepjes
1 ui, gesnipperd
1 teen knoflook
1 maiskolf gegaard
3 á 4 wortelen, in blokjes
2 stengels bleekselderij, in blokjes
250 gr. kastanjechampignons en vieren
4 à 5 grote aardappelen, in blokjes van 1 x 1 cm (pommes rissolées *)
fijngehakte peterselie

Bereidingewijze
Bak in een anti-aanbakpan het spek zonder toegevoegde boter knapperig en schep het daarna uit de pan.
Fruit ui en knoflook in het spekvet tot ze zacht zijn. Maak de pan opnieuw leeg.
Bak de champignons op hoog vuur en haal ook deze uit de pan.
Bak de wortelen en bleekselderij tot ze zacht zijn.
Veeg hierna de pan schoon en smelt een klont boter op halfhoog vuur.
Bak de (rauwe) aardappelblokjes eerst zachtjes tot ze een gedeelte van de boter hebben opgenomen, bak ze daarna langzaamaan wat harder. Je zult merken dat ze na een minuut of 10 gaan “zingen” en de boter bijna volledig is geabsorbeerd. Op dat moment zijn ze waarschijnlijk nog niet goudgeel. Zet het vuur lager en schep ze om tot ze de gewenste kleur hebben.
Voeg dan alle overige ingrediënten toe, inclusief de maiskorrels, en schep alles nog eens flink om. Niet te lang blijven husselen, want dan verliezen de aardappeltjes hun krokante korstje.
Bestrooi met fijngehakte peterselie.

* De term pommes rissolées leverde nog behoorlijk wat denk- en speurwerk op. Zoals ik al in een eerder artikel vermeldde, ben ik groot gebracht met voor die tijd een beetje bijzondere gerechten. Nooit werden er  thuis “gewone” gebakken aardappeltjes gegeten, d.w.z. voorgekookte aardappelen in schijfjes; altijd waren het de rauw gebakken dobbelsteentje. Dat de officiële term er voor niet in mijn culinaire onderbewustzijn is blijven hangen, daar kwam ik pas achter toen ik dit recept wilde opschrijven.
Het verbaast me wel als mensen om me heen zeggen dat op deze manier de aardappelen niet goed gaar zouden worden. Ik heb er nooit moeite mee gehad. De blokjes worden altijd heerlijk goudgeel met een knapperig korstje. Maar zoals alles in het leven: zonder erin te investeren wordt het niets.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...